Snorren en baarden

Jaw Dropping Medium Beard Style for men

Haar en haargroei heeft de mensen reeds eeuwen beziggehouden.
Haarmodes en mensen die zich met kappen van het haar bezig
hebben gehouden zijn al heel oud. Haar groeit biologisch gezien
bijna overal op ons lichaam. Slechts een paar plaatsen van ons
lichaam zijn zonder haargroei, zoals onze handpalmen, de
voetzolen, de lippen en de toppen van onze vingers en tenen.
Haargroei hoort bij de huid en heeft een duidelijke functie(s).
Haargroei heeft te maken met de hormonen- huishouding en is
ongelijk verdeeld. De één heeft meer haargroei dan de ander.
Functies van het haar zijn o.a. als buffer (stootkussen) te fungeren,
als isolatie, als ventilatie, etc..

Haardrachten zijn in het verleden voorboden geweest van
maatschappelijke veranderingen. In de Bijbel geeft het hoofdhaar
de plaats aan waar de levenskracht zetelt. Bij ontgroeningen wordt
men geheel kaalgeschoren, om daarna opnieuw te kunnen
beginnen. De demonische krachten en machten zouden bij het
afscheren verwijderd worden. Slaven schoor men kaal als teken
van onderhorigheid. Diogenes zag ooit in zijn leven een man die
zijn baard had afgeschoren. Hij vroeg de man heel verontwaardigd:
“Verwijt u de natuur dat ze u tot man heeft gemaakt, en niet tot
vrouw?” Wat is er in de wereld bij de mensen mannelijker dan de
baard en de snor?

Het Hebreeuwse woord Zaqan = baard (uitdrukking van de
mannelijke kracht) geeft hoogachting te kennen, aanzien,
identificatie van de leeftijd en is een ‘ereteken’.
Zaqen = oudste, waardigheidsbekleder.
Slaven mochten oudtijds geen baard dragen en deswege is de baard
een teken van de ‘Vrijheid’.
De baard werd altijd goed verzorgd.
Psalm 133:2 Het is, gelijk de kostelijke olie op het hoofd, nederdalende op den
baard, den baard van Aäron, die nederdaalt tot op den zoom
zijner klederen.
Jesaja 15:2 Hij gaat op naar Baith en Dibon, [en] [naar] Bamoth, om te
wenen; over Nebo en over Medeba zal Moab huilen; op al hun
hoofden is kaalheid, aller baard is afgesneden.
Jeremia 41:5 Zo kwamen er lieden van Sichem, van Silo, en van Samaria,
tachtig man, hebbende den baard afgeschoren, en de klederen
gescheurd ….
Leviticus 19:27 Gij zult de hoeken uws hoofds niet rond afscheren; ook zult gij de
hoeken uws baards niet verderven.

Overal in het Oosten gold de baard als heiligdom.
2 Samuël 20:9 En Joab zeide tot Amasa: Is het wel met u, mijn broeder? En Joab vatte
met de rechterhand den baard van Amasa, om hem te kussen. Zie ook
Daniël 2:46.
De baard werd slechts geschoren bij zeer grote
rouw. Daniël 10:3.
De baard is expressie (uitdrukking) van het manprincipe, de vrijheid. Want een man zonder
baard geeft uitdrukking aan het vrouw-principe,
(emanciperen = gelijkstellen) en is slaaf en doet
mee aan die emancipatie waar ze in de
Reformatorische kringen op tegen zijn. Het man zijn is vooral
kenbaar via de haargroei.
Romeinse, Griekse en Egyptische culturen droegen wisselend een
baard, dan eens wel, dan eens niet. Alhoewel dit patriarchale
culturen waren toonden zij zich soms met de ‘zwakste’ zijde van het
‘vrouw’ zijn. In sommige christelijke kerken is het anti-baard soms
stringent (bondig, krachtig, nadrukkelijk) doorgevoerd en mag men
geen lid worden en niet trouwen in de kerk wanneer men een snor
en een baard heeft.

New Hairstyles For Men 2019
Had Jesjoea (Jezus) geen baard? (Jesaja 50:6)
God heeft de man zo geschapen, dat de ‘baard’ zich in de puberteit
begint te ontwikkelen onder de invloed van testosteron, dat is
‘testikels, geslachtsorganen. De baard is dus een secundair, of
tweede geslachtskenmerk. Door de baard af te scheren vervalt dit
kenmerk, dat is gelijkschakeling met de ‘vrouw’.
Het synodebesluit der Ger.Gem. in Ned. inzake de baard
In de Hervormde Kerkbode 1-9-1995 citeert
ds.Kort instemmend uit de Wachter Sions
aangaande de baard en de snor.
Op de Synodevergadering der Ger.Gem.in Ned.
van één der classis is vastgesteld dat men er op
toe moet zien dat er geen attestaties van leden
mogen worden aanvaard die zich NIET
overeenkomstig Gods Woord en de

Noel
eenvoudigheid der gemeenten gedragen, n.l. het
dragen van kort haar bij vrouwen, en snorren en
baarden bij mannen, …..

om alzo de verregaande
wereldgelijkvormigheid tegen te gaan.
Men zegt verder: “Van het dragen van een snor of baard door een
man kan niet gezegd worden dat zulks in Gods Woord direct
verboden wordt”.

Men ziet de snor en de baard als tekenen van verregaande
wereldgelijkvormigheid, dat is nog al wat.
Doordat de nozems en anarchisten middels hun wilde haren
uitdrukking wilden geven aan hun revolutionaire denkbeelden, is er
bij de Gereformeerde Gezindte een soort antipathie ontstaan tegen
alles wat bij de man langharig is. De vraag kan in deze gesteld
worden of het misbruik van een zaak het juiste gebruik zou
verbieden?
Verder ziet de Ger.Gezindte de baard en snor als modeverschijnsel.
Men zegt dat juist in ónze tijd er geen baard of snor mag worden
gedragen, daar dit niet bij de eenvoud zou passen.
Om inhoudelijk op dit Synodebesluit in te gaan dienen wij vooraf
de H.Schrift te raadplegen betreffende de baard en de snor, en
tevens de geschiedenis van Israël te bezien hoe zulks
functioneerde.
In het Hebreeuws heet de baard zaqan, en geeft uitdrukking van de
mannelijke kracht, geeft hoogachting, aanzien, identificatie van
leeftijd, en is een ereteken.
Zaqen betekent “Oudste, waardigheidsbekleder”.

De baard af te snijden gold als een zeer grote verachting, men leze
Jes.50:6,7,20 2Sam.10:4 Neh,13:25.
Bij misdadigers werd de baard afgeschoren. Slaven mochten geen
baard dragen. De baard is
alzo een symbool of teken
van vrijheid.

De baard werd altijd goed
v e r z o r g d , P s . 1 3 3 : 2
Dan.10:3, en slechts
geschoren bij grote rouw,
J e s . 1 5 : 2 G e r . 4 1 : 5 .
Volgens Leviticus 19:27

en 21:5 mogen de hoeken van de baard (in feite de hele baard) niet
worden afgeschoren.
Een baard zoals deze bij de mens wordt aangetroffen, komt weinig
onder de dieren voor. Een geit heeft wel een sik (schapen niet). De
mens is beelddrager van de Schepper, en daarvan is uitwendig de
baard een zéér essentieel onderdeel.
Wij betreuren het Synodebesluit dan ook ten zeerste, gezien het feit
dat de synode enerzijds erkent dat de baard en snor in Gods Woord
niet direct verboden wordt (in tegendeel wordt het juist géboden).
De synode meent wel het verbod op baard en snor in-direct in Gods
Woord te lezen, als zijnde tekens van verregaande wereldgelijkvormigheid vanuit een modeverschijnsel.
Wij ontkomen hierbij niet om enige vragen te stellen aan de leden
der synode der Gereformeerde Gemeenten in Nederland, n.l.:
Zou de Schepper Zich hebben vergist door aan de man een baard
en snor te geven?
Kan iets wat in Gods Woord als een gebod
gegeven is,
tegelijkertijd
een modegril
zijn? Hoe is het
gekomen dat mannen zich gingen scheren, en met welk doel? Lees
eens de geliefde kanttekenaars bij de Openbaring 17:5, betreffende
het woord “verborgenheid”, waar men schrijft dat het de paus met
zijn geschorenen betreft. De kanttekenaars bezigen dit in negatieve
zin.

Homme cheveux longs
De baard is een scheppingsgave aan de man, een natuur-gegeven.
Scheren en couperen is iets tegennatuurlijks. Het moet dus
aangemerkt worden als iets vergezochts wanneer men dit om

enigerlei reden gaat verbieden. Een man die
baard of snor laat staan eerbiedigt de
Schepper en Diens orde, maar kan daardoor
dan geen lid meer worden in de Ger.
Gezindte. Dat is belachelijk.
Op z’n zachtst uitgedrukt is dit Roomser dan
Rooms, en volgt men de Paus en zijn
geschorenen na. In de Openbaring kan men
lezen dat men niet kan kopen of verkopen als
men het teken van het Beest niet heeft.
Op gelijke wijze kan men nu zeggen dat men
geen lid kan worden in de Gereformeerde
Gezindte als men Gode meer gehoorzaamt
dan de mensen, n.l. als men een baard en snor
heeft.
Zou de Messias, die een baard droeg op aarde, bij Zijn wederkomst
de baard in de Hemelse gewesten hebben laten afknippen, om alzo
een goede indruk te maken bij de Gereformeerde Gezindte?
Nee, in Hand.1 staat dat Hij alzo zal terugkeren gelijk Hij
opgevaren is. Dat is mét baard en snor.
Waarom droegen de meeste Reformatoren wél baard en snor ?
In Marcus 7 houden de Farizeeën en al de Joden de inzetting der
ouden. Dit doet de Ger.Gezindte zelfs niet eens, want onze veel
geprezen oudvaders droegen baarden en snorren, en zelfs mooie
pruiken en lang haar. De Ger.Gezindte heeft zélf een nieuwe
inzetting gemaakt, n.l. géén baard en snor.
Mozes zei: Gij zult Uw baard niet verderven. Leviticus 21:5.
De Ger.Gezindte zegt: Gij moogt in het geheel geen baard en snor
dragen.
(Brief aan de broeders der Gereformerde Gemeenten in Nederland)
Lieve mensen, hierdoor maakt U Gods Woord krachteloos n.l. door
Uw inzetting, zoals in Mark.7:7-13 staat.

Ik zou U dan ook ten zeerste verzoeken eens
ernstig Uw hoofden te buigen over Gods
Woord, en niet een abstract standpunt in te
nemen.
Laat in ieder geval ruimte open voor hen die
naar hun geweten op grond van de H.Schrift
wel een baard en snor laten staan. Beschouw
dezulken toch niet als extremen, noch als
verregaande verwereldlijkten. U maakt zich
ongeloofwaardig door zulke standpunten in te
nemen.
Het is zeer te waarderen dat U de eenvoudigheid betracht in Uw
gemeenten, maar dan wél op de juiste Gode welbehaaglijke wijze.
Samuel zei tegen Saul dat gehoorzamen beter is dan slachtoffer,
opmerken dan het vette der rammen. Wederstreven is afgoderij en
beeldendienst. Wederstreven = tegen de scheppingsorde ingaan o.a.
de baard. Wacht U voor deze vorm van beeldendienst.


Wij mogen toch geen besluiten maken, noch in deze blijven
volharden, wanneer overduidelijk blijkt dat zulks op grond van
Gods Woord onhoudbaar is, en wij onnodig vele gewetens bezwaren die overeenkomstig de Scheppingsorde willen leven.
Begrijpelijk dat daar, waar de secularisering voortgegaan is, en
men van een eerder modeverschijnsel (het afscheren van de baard,
dat is verwijving) een algemeen geldend principe heeft gemaakt,
of tot traditie gemaakt heeft, …… het extremistisch klinkt wanneer
anderen hun stem verheffen en terugroepen tot de oude paden.
Ik zou het respecteren en onderschrijven wanneer U een synodebesluit zou uitvaardigen aangaande een verbod op b.v. roken,
alcohol, woeker, etc. U weet dat deze zaken niet mogen en niet tot
Gods eer gedaan kunnen worden. Maar … niemand durft in deze de
eerste steen op te nemen, daar allen zich schuldig gevoelen.
Wanneer de Romeinen nu eens hun vrouwen de wenkbrauwen
lieten afscheren, en Rome dat voorbeeld navolgde, en ook onze

vrouwen zulks al een eeuw navolgden. Iedere vrouw die wél
wenkbrauwen zou laten staan … zou toch wel opvallen, niet waar ?
Het zou toch extreem zijn om dan maar een synodebesluit te maken
waarin staat dat er geen vrouwen die hun wenkbrauwen laten staan
lidmaat mogen worden.
Broeders, het is uit liefde, ik roep U toe: Zet de oude palen niet
terug. Dit is de weg, geschreven in het Woord én in Uw lichaam,
dat de man een baard zou dragen! Verwacht U de Messias zónder
baard? Als Hij nu eens mét baard en snor terugkeert …. wat dan?
Hem zij de lof, de eer en de aanbidding. Hij
komt, en naar ik hoop en geloof, zéér spoedig!
Waakt en bidt, en vergeet de oliekruikjes niet,
opdat gij in moogt gaan in de Bruiloftszaal.

Waar komen de zwarte kleren, en de zwarte
ambtsklederen vandaan?
Zwart, duister, komt van het Hebreeuwse
“Kamar”.
Van dit grondwoord zijn de woorden
“Kimriyr, Kymry, Khumri, Cymri, Cimmeroi,
Kymro”,etc-, afgeleid.
Vroeger heette de Zwarte Zee, de
Cimmerische zee. (De Kimbren waren
Israelieten.)
In 2Kon.23:5 Hos.10:5 Zef.1:4 lezen wij van de Chemarim,
welke Josia afschafte, dat men niet meer reukoffer bracht aan Baäl,
aan de Zon, Maan en planeten.

De naam chemarim is gebruikt voor de
priesters die de afgoden dienden. Chemar is
afgeleid van kamar, dat is “zwart-zijn”, verhit
en of geschroeid als een oven, roetachtig.
De Chemarim dat waren de zwarte priesters,
de priesters van de “zwarte kunst”, maar ook
die in zwarte kledij liepen.

Fashionisto Exclusive: Christian by Riley Stewart image Fashionisto Exclusive Christian 006

Rabbi D. Kimchi zei dat dit priesters waren die niet in het
traditionele wit, maar in het zwart gekleed waren!
Zij offerden en rookten aan het Melecheth des hemels, en kleedden
zich in de kleur van het verbrande, roet n.l. zwart.
Onze Meester heeft Zich nimmer in zwarte kledij vertoond, maar
Zijn “dienaren”(?) ziet men altoos in zwarte “ambtsklederen”
rondwandelen.
De orthodoxe Joden in de synagoge hebben deze zwarte ambtskleding van de Chemarim overgenomen, en heden ten dage kan men
hen nog steeds als “zwarte ……” zien lopen door Jeruzalem en
andere plaatsen in deze wereld.
De R.K.Kerk heeft van hen de zwarte
ambtskleding overgenomen, en de
Reformatie tot heden heeft daarin
géén verandering gebracht. Nee, men
gaat er prat op dat dít zo moet!
Dat men in feite in afgoden gewijde
zwarte klederen rondloopt, schijnt
niet tot hen door te dringen.
De eerste christenen wisten wel
beter. Zij kleedden zich in wit, en hun rouwkleur was eveneens
wit!

Zwart-wit / wit-zwart
Wit is symbool van reinheid!
Zwart is symbool van de zonde, de vuilheid!
Kleuren in de Bijbel
Licht (wit) is de moeder der kleuren.
Licht brengt de kleuren tot leven; duisternis laat de kleuren in de
dood.
Licht is stralingsenergie; straling heeft golven, en de lengte van
deze golven varieert.
Kleuren zijn met de ganse schepping intens verweven.
Zonder kleuren zou ons leven een somber en saai bestaan zijn.
Wit licht is een samenbundeling van licht met een aantal kleuren,
en wanneer men het op een prisma laat schijnen breekt dit licht
uiteen in de 7 kleuren van de Regenboog, de iris.
Rood heeft 700nanometer, Oranje 600, geel 566, groen 495, blauw
436, indigo 380, violet 336.

Newton ontdekte dat het licht niet homogeen is, maar dat het een
reeks van lichtsoorten is, welke wij waarnemen als kleuren.
Licht is energie, en ons zintuig kan dat vertalen in kleuren.
Kleuren hebben grote invloed op ons
gevoelsleven, en ieder mens reageert weer
anders op kleuren dan de ander.
Zwart is in feite geen kleur en treedt altijd op
de achtergrond, terwijl Wit naar voren treedt.
Zonlicht is hoofdzakelijk groen, en planten
maken hiervan gebruik. De plant zet het
zonlicht om in elektrische energie, en zet het weer om in de vaste
stof. Zodra de elektrische energie is ontstaan gebruikt de plant de
+ en de – om allerlei chemische reacties uitte voeren, en daardoor
ontstaat o.a. zuurstof.
Wij hebben dus de zo nodige zuurstof voor ons lichaam te danken
aan de kleur groen van het zonlicht!

Zwarte magie?
Dit werd door de ouden gezien als de zon-intelligentie, met een
getalswaarde van 111.
Ook Luther beoefende deze Gematria en Mathematica, met zijn
vriend Michael Stifel
(1487-1567) In 1544 gaf
deze een boek uit … de
Aritmetica intregra, met
e e n v o o r r e d e v a n
M e l a n c h t o n . H i j
ontrafelde het getal 666.
Ook Luther schreef
anoniem een boek over
getallen en profetische
voorspellingen in 1532.
De zon met haar
onzichtbare infraroodstralen zijn als pijlen die de richting aangeven
waarin het energietransport vanuit de Cosmos naar de aarde
plaatsvindt en aldaar een biologische transformatie in het werk
stelt. In het Barneveldse wapen is zulks zeer goed vertolkt en
afgebeeld.
Als de zon zwart zou worden sterft alle leven op aarde!
Feitelijke aanduidingen voor kleuren kent het Hebreeuws niet.
Zwart = sihor = roetkleurig, duisternis
wit = laban = melkkleurig
rood = adam = aardkleurig
geelgroen = jaraq = plantkleurig
vaal = soreq = druifkleurig
Ook aan de dierenwereld werden kleuren ontleend:
fel scharlakenrood, van to la-at, van de kermes-luis
donker purperrood, argaman, en purperpaars , tkelet, van de purper
slak.
Rood, wit en blauw waren de hoofdkleuren van de Tabernakel.

Was Jesjoea ook zo gekleed?
Wit .. de Oude van Dagen = onschuld, Dan.7:9 en de Priesterkleding, reinheid, en Christus Math.17:2 Openb.1:14.
Voor zwart heeft het Hebreeuws verschillende uitdrukkingen, die
met zwart, donker grijs, of met droevig, of treurig vertaald kunnen
worden.
Het zwart der wolken, 2Sam.22:12,
1Kon.18:45, Jer.4:28
het Hebreeuwse woord hiervoor = Kawdar,
Strongs 6937, dat betekent … to be ashy,
mourn. grijzig, treurig.
Het zwart van het gelaat, Hoogl.1:5,
Strongs 7835, Shachar, dat is … dark,
donker.
Het zwart der ziekte, Job 30:28, …. door
ellende, Kl.l.4:8, en het zwart van zon en
maan, Joel.2:10,3:15.
Als kleur is het blach, sokhehreth, Strongs
5508, blacktile.
In figuurlijke zin is er de zwarte kunst, de
zwarte oordelen, Open.6:5 en het zwarte paard = hongersnood,
Strongs 7838 sachar, en zwarte rouw, Openb.6:12
En nú komt eigenlijk het grote knelpunt wat in de zogenaamd
“zwaardere kringen” geldt als zijnde hét kenteken van genade ….
in gelaat, praat en gewaad, met name het zwarte gewaad!
Men baseert dit op de navolgende Schriftplaatsen:
Ps.38:7 Ik ga de ganse dag in het zwart
Ps.42:10 en 43:2 waarom ga ik in het zwart
Jer.8:21 Ik ga in het zwart
Jer.14:2 zij zijn in het zwart gekleed
Mal.3:14. in het zwart gaan

Wij mogen echter kleding en kleur niet laten dienen om het
kenmerkend onderscheid tussen gelovigen en ongelovigen aan te
duiden. Juist de grootste huichelaars zijn ware meesters om d.m.v.
uitwendige zaken de oprechte christenen te overtroeven.
In het R.D.15-12-95 schreef dhr.G.Roos:
“Traditie is niet waardeloos. Dat het nergens uit Gods Woord is af
te leiden dat een predikant en een kerkenraad een zwart kostuum
moet dragen. Bij de priesters en Levieten overheerste wit. Toch is
zwart bij ons gebruikelijk”.
Tot mijn grote verbazing
tijdens het opmaken van
deze brochure, kon ik
nergens in de grondtaal
terugvinden dat de
vertalers terecht het
woord zwart hadden
vertaald. Integendeel, in
v o o r n o e m d e v i j f
schriftplaatsen staat iets
geheel anders!
Het Hebreeuwse woord kawdar, Strongs 6937= to be ashy, mourn,
(treuren) en Kedoranneeth, 6941 = mournfully …… mag men niet
door zwart vertalen! Luther heeft het er in dezen beter afgebracht
dan de Statenvertalers; hij vertaald als volgt:
Ps.42:10 en 43:2 Waarom moet ik zo treurig (in het zwart) gaan ?
Jer.8:21 Het jammert (zwart) mij zeer
Jer.14:2 Het staat beklaaglijk (zwart) op het land
Mal.3:14 Wat baat het dat wij een streng (zwart) leven leiden
Ps.38:7 De gehele dag ga ik treurig (in het zwart).
The Holy Name Bible heeft:
Ps.38:6 I go mourning all the day long.
14 Baard en zwarte kleren (Herziene versie) No. 5
Orthodoxe joden
Den Dominé in vol ornaat
Ps.42:10 Why go I mourning because of the oppressions
Ps.43:2 idem
Jer.8:21 I am grieved (rouw)
14:2 they are black unto the ground
Mal.3:14 that we have walked mournfully.
Het in-het-zwart-gekleed-gaan als devotie en uitwerking van
genade heeft dus beslist géén Bijbelse fundatie!
Zwart is de kleur van de Boze, de Satan en Lilith, het nachtspook,
maar is beslist niet een uiting van godzalig leven.
Jozef in de veelvervige rok zou niet in tel zijn vandaag de dag.
Zwart als rouwkleur was wel in gebruik bij de oude volkeren, maar
…… de eerste Christenen rouwde in het wit!
Zwart is de kleur waarin de Edomieten zich gaarne in de
synagogen vertonen, en hiermee zijn zij, en werden zij
geïdentificeerd als zijnde het zaad van de slang, van de Boze, de
Moordenaar van den Beginne.
De kinderen des Lichts moeten getuigenis geven van het licht, en
het licht is wit, en bevat álle kleuren!
Het licht schijnt in de duisternis (=zwart) en de duisternis heeft dit
licht niet begrepen (kunnen uitblussen). Johannes 1:12.
15 Baard en zwarte kleren (Herziene versie) No. 5
Zalving en de baard
De zalving van de koning, hogepriester of profeet ging gepaard met
olie van reukwerk (etherische olie), hetwelk wijst naar de zalving
met de heilige Geest.
De reukolie heeft vluchtige bestanddelen die wij niet zien, maar die
wij wel aan de manifestaties waarnemen kunnen. Jesjoea is
gezalfd, Jesaja 61:1, Lucas 4:18. De koning, de hogepriester en de
profeet werden gezalfd ter inwijding, ter ontvanging van de heilige
Geest, waarvan de zalfolie type is. Eerst wordt het hoofd gezalfd,
waarna de olie afdruipt tot naar
de benedenste delen van de
zomen van het kleed. In het
hoofd zetelt het denken,
waardoor het spreken tot stand
komt. De Nazireeërs droegen
lang haar, waarin -als in het
verborgen- bij Simson zijn
kracht school. Wijst de baard
soms op de kracht van het
gesproken woord? Een profeet, oudste of gezagdrager moet
deswege altijd een baard hebben. De baard behoort bij het hoofd,
en Jesjoea is het Hoofd der Gemeente. De gemeente bestaat uit vele
leden, zo ook de baard, die vele haren telt, als ook het hoofdhaar.
Door de zalfolie worden ze samengebundeld
Mannenkleding en vrouwenkleding
In vroeger dagen was er nagenoeg geen verschil tussen de kleding
van de man en de vrouw.
Jahweh toog Adam en Eva beide rokken van vellen aan.
Jozef droeg een veelvervige rok, gen.37:3
Alle priesters droegen rokken, ex.28:40
Samuel droeg rokken, 1Sam.2:19, en ook Jesjoea (Jezus) droeg een
rok zonder naad..
Lees verder Jes.22:21, Math.10:10, Mark.6:9
16 Baard en zwarte kleren (Herziene versie) No. 5
De Schotse rok is niet zo
heel erg kuis als het lijkt
Klederdrachten
Rok in het Hebreeuws is Carbal, Strongs 5612 =coat,cloak en
3801= kuttonoth = to cover, bedekken.
De enige plaats in de Schrift waar het woord “broek” voorkomt is
Dan.3:21, waar staat dat de drie jongelingen voordat zij in de
vurige oven werden geworpen, gebonden werden in hun mantels
(opperkleed of rok) en in hun broeken, hoeden, enz-.
Er staat pattiysh, Strongs 6361 = a gown, hose, wat op een
onderbroek zal wijzen. Waarom zou een man wél een broek mogen
dragen, en een vrouw niet? Is het om dezelfde oorzaak dat een
vrouw niet zou mogen roken, en een man wel?
Het onder- en opperkleed zag er oudtijds bij mannen en vrouwen
nagenoeg gelijk uit! Hierin zit het wezenlijke verschil en verbod
niet.
De klederen van de man waren
algemeen wel wat korter dan van de
vrouw, en de vrouw had meer
versieringen.
Iemand die alleen maar een
onderkleed aanhad gold als “naakt”,
zoals arme bedelaars die geen
opperkleed konden kopen.

Schokland
Tijdens het werken legden de mannen het opperkleed dikwijls af,
en bij het gaan slapen gebruikte men het opperkleed als deken. Er
gelden bij het te pand nemen van het opperkleed dan ook strenge
regels, Ex.22:25.
De mantel of opperkleed heette simla, of
Grieks himation, of Latijn toga. Waarin zit
nu het wezenlijke verschil tussen
mannenkleed en vrouwenkleed? Om dat te
begrijpen moeten wij weten dat er een
nauwe relatie bestaat tussen iemands kleed
en de persoon zelf; beroofde men iemand
van zijn of haar kleed, dan beroofde men
hem of haar van de persoonlijkheid.
Door het kleed van een ander te gaan dragen werd een ambt, gaven
of eigenschappen van die persoon overgedragen, zoals blijkt uit
Num.20:28, 2Kon.2:13, Judas vrs 13.
Op gelijke wijze wordt vermaand de
Nieuwe Mens aan te doen, gelijk als men
een kleed aandoet, d.w.z. de ambten, gaven
en eigenschappen van Jesjoea deelachtig
worden, Rom,13:14.
Zo zou de vrouw, door het aantrekken van
het kleed der man diens specifieke gaven,
ambten en kwaliteiten in willen treden, en
dát is verboden! Wij zijn het er mee eens
dat de broeken, en vooral de strakke
broeken en “leggings” een vrouw niet staan, maar dan óók niet
voor de man! Dan moet de man ook zijn broekie weer uitdoen, en
een kleed of rok aantrekken! Tradities volgen en anderen
veroordelen op onwezenlijke gronden, ja met een beroep op
Bijbelteksten die iets heel anders bedoelen, is niet waarachtig!
Wat moeten we aan met onderstaande tekst?

Deuteronomium 22:5 ¶ Het kleed eens mans zal niet zijn aan
een vrouw, en een man zal geen vrouwenkleed aantrekken;
want al wie zulks doet, is den HEERE, uw God, een gruwel.
De kanttekening van de SV schrijft dat het om het tuig of
gereedschap van de man gaat, zoals in Leviticus 15:4. Het tuig
eens man zal niet aan ene vrouw zijn. In Deut.22 staat eveneens
dat men zich niet mag kleden met klederen die van tweeërlei stof
zijn gemaakt. Dit laatste heeft op de meeste christenen wellicht
weinig of geen indruk gemaakt. Men bekommert zich slechts over
de mannen- en vrouwenkleren, dan wel of een
vrouw een broek mag dragen. Kleren die van
tweeërlei stof zijn gemaakt, daar maakt men
geen probleem van. Echter, het is nog niet zo
heel lang geleden dat de mannen hun lange
rokken uittogen en een kuitbroek aantrokken! In
het oude Israël was het verschil tussen mannen en vrouwenkleding lang niet altijd duidelijk. Het
verschil zat meer in de sluier die eigen was aan
de vrouw, en in het tuig dat eigen was aan de
man. De man was herkenbaar aan zijn baard, de vrouw aan haar
sluier. Men kan maar heel moeilijk van een bepaald kledingstuk
zeggen: Dit is mannelijk, en dát is vrouwelijk. Hiermee komen wij
een heel stuk dichter bij de bedoeling van bovengenoemde tekst.
Daarin wordt bedoeld dat een vrouw via haar kleding geen poging
mag doen om identiek te zijn aan de man, nl in erotische zin. De
man zal tegen zijn boze lusten een “nee” moeten zeggen om zich
via vrouwelijke onderkleding “vrouwelijk” te voelen. Een vrouw
zal via onderkleding van een man zich niet “mannelijk” mogen
voelen. Het Hebreeuwse hayah en simlah wijst op het benedenste
bedeksel van de vrouw, dus de onderbroek. Een vrouw zal niet haar
existentie (bestaan) zoeken in dát was specifiek de man toebehoort.
Het kleed eens mans, in het Hebreeuws staat er k:li Geber. Het
Hebreeuwse woord voor man is “ish”, en vrouw is “isha”.
19 Baard en zwarte kleren (Herziene versie) No. 5
Maar nu wordt hier niet het ish gebruikt, maar “gabar”, dat
betekent “sterk-zijn”. Het wijst naar de potentie en kracht van de
man, de gever van het zaad (sperma). Geber lijkt wel wat op ons
woord “geven”. Er staat in Spreuken 30:19 het volgende, wat
duidelijk wijst op de zaadgever, de man. “De weg van een man
(geber) bij ene maagd”.
Een k:li is een tuig, een soort lendengordel van de (krijgs-)man,
een leren gordel waarmee zijn testikels worden beschermd. De man
in Israël moest zorgen voor de procreatie, de voortplanting, om het
volk in stand te houden, bestemt voor het Koninkrijk van Jahweh.
Welnu, de lendengordel van de man, díe mocht een vrouw niet
dragen, om zich daarmee mannelijk te voelen, of zich tot
masturbatie te bewegen. Zo mag ook de man geen vrouwenslipje
dragen om diezelfde reden. Uitwendig maakte Jahweh er niet zo’n
punt van welke kleren Adam en Eva zouden dragen. Hij gaf hen
beiden identieke rokken van vellen. Adam en Eva zelf hielden hun
eerste bedekking heel schamel, van
vijgenbladeren. Jahweh verrijkte hen met
rokken van vellen. Het was Elohims liefde
die ons mensen kleedde en onze naaktheid
bedekte voor de buitenwereld. Het kleed
wijst op ons herstel, wat een grote zegen is,
waarvan wij geen afgod mogen maken
(denk aan mode). Ons kleed, onze kleding
is immers een reiskleed, dat we nodig
hebben op onze levensreis, op de weg naar
het nieuwe en herstelde Koninkrijk van Jahweh. De wereldse
mensen hebben Jesjoea van Zijn klederen beroofd, hem te schande
gezet, vernederd. Hij is echter uitermate verhoogd door Zijn
hemelse Vader. Dit, opdat ook wij niet ontkleed, maar overkleed
zouden worden, 2Cor.5:4, opdat het sterfelijke van het leven
verslonden worde.
20 Baard en zwarte kleren (Herziene versie) No. 5
Hieronder een citaat uit G.Arnold ”De eerste Christenen” deel
2,p.135.
“Om die oorzaak stonden zy ook geen zwarte óf anderen
rouw-kleederen toe, dewyl men om Christenen niet most
treuren: Men most geen zwarte kleederen aantrekken,
dewyl de overleedenen witte aangetrokken hadden; want dit
was een Heydensche wyze, welke de waare Christenen niet,
maar wel de geveynsden en godeloozen naavolgen konden,
die óf geen, óf zeer slechte óf twyfelachtige hoope van
hunne eygene zaligheid, en die hunner naabestaande
hadden. Veelmin besteeden zij een geheel rouwjaar
daartoe: want zij wisten van alle zodaanige tekens van
ongeloof en twyfel niet; maar alle deeze gewoonten sloopen
allengskens onder de vervallene Christenen uyt het
Heydendom in. Zulks dat het in ‘t vervolg van tyd is, dat
men eenige blyken van rouw te dragen in zwarte kleederen
en van het rouwjaar vindt; maar by de eerste Christenen is
niets zulks te zien”.
Zwart is symbool van de zonde, de vuilheid!
Wit is symbool van reinheid!
Men lette vooral op onderstaande tekst uit: Prediker 9:8
Laat uw klederen te allen tijd wit zijn, en laat op
uw hoofd geen olie ontbreken.

Hm wel interessant een pdf file met geschiedenis informatie over baarden enzo…

Gerelateerde Berichten

escort bayan bayan escort pornhub türk porno hd porno sikiş hikayeleri travesti porno bayan escort escort bayan bayan escort casino