web analytics
AngelWings Verhalen

Betovering verbroken

Er was een jonge man die in het bos woonde in een schilderachtig huisje aan de rand van het bos. Harm woonde daar al enkele jaren en verdiende de kost een beetje met wat boswachters bezigheden en schilderijen a la Rien Poortvliet.
Hij woonde er alleen, op het erf had hij wat kleine krielkipjes en Betsy de geit.

Harm genoot van alle dieren en vogels uit het bos.
Roodborstjes en merels, vinken en eenden, zwanen alles bezocht zijn huis, door de grote vijver voor.
Ook reeën kwamen vaak drinken uit de vijver.
Harm was melancholisch. Dit nadat hij zijn ouders was verloren en zijn eerste vriendin ook zijn laatste bleek te zijn, want Harm had het wel gezien verder.
Op een dag kwam er een rode vos in de sneeuw langs het huisje lopen.

De vos was felrood, zo rood had Harm nog nooit een vos gezien.
Het leek een vuurbol die voorbij kwam rennen in het zonlicht. Harm knipperde met zijn ogen als hij het weer zag maar dan was de vrouwelijke  vos alweer voorbij.
Sinds de vos langs zijn huis kwam werd Harm vreemd genoeg steeds vermoeider.
Hij had steeds minder zin in de dagelijkse dingen die hij te doen had.
Schilderen boeide hem niet langer en het bos beheren ook niet meer.
Eten koken, ach liever niet.
Het werd hem vreemd te moede in die dagen.
En dat was begonnen, als de rode flits weer voorbij kwam alsof ze telkens wat energie van hem tapte.
Vrienden had Harm niet.
Familie ook niet echt meer.
Niet noemenswaardig.

En daar zat op een mooie zonnige winterdag een aantrekkelijke jongeman voor zijn huisje op een bankje met een dikke winterjas aan, rubberlaarzen en wanten met een mok dampende koffie.
De zon scheen, en het was best goed vertoeven zo.
Tot opeens de rode flits, zoals hij de vos noemde, voorbij rende.
Waarom het gebeurde wist Harm niet, maar hij nam zijn geweer en richtte op de vos en trok aan de hendel.
De kogel raakte het dier ergens  op de rug en kermend lag het daar in de witte sneeuw, waar een rode vlek de aandacht trok, maar toch ook het krijsen van het arme dier.
Och, Harm stond op, en liep naar het dier. Waarom had hij haar nu toch beschoten? Was het om zijn vreemde idee dat zij zijn vermoeidheid veroorzaakte?

Hij wilde nogmaals richten om het dier van de pijn en uit haar lijden te verlossen, maar hij had geen kogels meer in het geweer.
Gisteren had hij wat korhoenders geschoten nml. Hij was vergeten om kogels bij te vullen.
De arme vos lag te kermen en bleek erg tam toen Harm met zijn hand langs de staart ging.
Ze liet het toe en keek hem aan met een blik, die ergens een vreemde herkenning bracht.
Een rilling ging over zijn rug. Hij sprak zacht tegen het dier, en aaide haar en zag dat vertrouwen in haar ogen.
Hij tilde haar op en zowaar ze liet het gebeuren.
In zijn huisje legde hij de vos neer op zijn houten eettafel.
Hij bekeek de wond op haar dij en zag dat het een schampschot was geweest, niet minder pijnlijk uiteraard.
Hij legde een verband aan en legde de vos in een houten krat in de hoek van de kamer.
Hij bracht haar water en wat te eten.
Ze vond het best.

Harm voelde zich beter dan in maanden tijd.
Die avond schilderde hij zowaar 3 schilderijen met vossen in de sneeuw.
Hij ging slapen, nadat hij had gekeken hoe het was met de vos.
Die nacht had Harm vele wazige dromen en hij werd als herboren wakker.
Toen hij even later in de woonkamer kwam en water opzette voor koffie, ging hij kijken bij de vos.
Maar in het krat in de hoek van de kamer lag geen vos meer maar een wonderschone roodharige jongedame te slapen. Vol verbazing keek Harm naar haar lichte marmeren huid en haar prachtige lange rode lokken, en toen ze even later ontwaakte vertelde ze hem het verhaal dat haar was overkomen.
Een boze heks had haar jaren geleden betoverd. Jaren had ze rondgezworven in de bossen.

En Harm had haar teruggebracht omdat hij vriendelijkheid bracht aan een dier dat niets had met mensen.
Ze leefden nog lang samen en gelukkig.

 

Gerelateerde artikelen

Back to top button