Zwitserse AI identificeert 44 sterrenstelsels die potentieel bewoonbare exoplaneten verbergen met 99% nauwkeurigheid
Zwitserse AI identificeert 44 sterrenstelsels die potentieel bewoonbare exoplaneten verbergen met 99% nauwkeurigheid
Wetenschappers van de Universiteit van Bern (Zwitserland) hebben met behulp van kunstmatige intelligentie 44 sterrenstelsels ontdekt die mogelijk exoplaneten herbergen die vergelijkbaar zijn met de aarde. De resultaten van het onderzoek zijn gebaseerd op een algoritme voor machinaal leren dat gegevens van synthetische planetaire systemen analyseert. Hoewel het model het bestaan van deze objecten niet direct bevestigde, beperkte het wel de zoektocht van astronomen door te wijzen op de meest veelbelovende doelen.
Het grootste probleem bij het detecteren van exoplaneten hangt samen met hun kleine omvang en de zwakke straling. De 5.800 bekende bevestigde objecten leverden onvoldoende gegevens op om de AI te trainen, dus gebruikte het Zwitserse team synthetische systemen die waren ontwikkeld op basis van het Berner Model voor Planeetvorming en Evolutie. Deze tool simuleert de evolutie van exoplaneten vanuit een protoplanetaire schijf en houdt rekening met tientallen parameters, van gravitationele interacties tot chemische samenstelling.
“Het Berne-model is een van de weinige die onderling verbonden processen zo gedetailleerd reproduceert. Dit stelde ons in staat om het algoritme te trainen op realistische maar hypothetische systemen”, aldus dr. Jan Alibert van het Centre for Space Habitability.
De AI ontdekte dat de belangrijkste indicatoren voor verborgen planeten die op de aarde lijken, de massa en de omlooptijd van de binnenste bekende planeet in het systeem zijn. Door deze criteria toe te passen op 1.600 systemen met sterren van de klasse G, K en M (zonachtige, oranje en rode dwergen), identificeerde het algoritme 44 doelen met een nauwkeurigheid van 0,99. Dit betekent dat er in 99% van de gevallen daadwerkelijk minstens één exoplaneet in de leefbare zone kan zijn.
Het model heeft echter beperkingen. Het reproduceert bijvoorbeeld niet het vaak voorkomende samenleven van ‘superaardes’ (planeten die groter zijn dan de aarde maar kleiner dan gasreuzen) en ‘koude Jupiters’ (gasreuzen in verre banen) in echte systemen. Bovendien bleken de synthetische planeten dichter bij hun sterren te staan dan hun waargenomen soortgenoten.
“Perfectie is hier niet vereist”, merkte Alibert op. — Zelfs gedeeltelijk nauwkeurige voorspellingen besparen jaren van observatie. We hebben nu 44 prioriteitsgebieden om naar leven te zoeken.”
De volgende stap is het verifiëren van de resultaten met behulp van telescopen van de volgende generatie, zoals de Europese Extremely Large Telescope (ELT) en de Plato-ruimtetelescoop, die naar verwachting in 2026 gelanceerd zullen worden.



