Zwarte Piet is eng

Zwarte Piet is eng

 

Toen ik nog een heel klein meisje was, was ik doodsbang voor Sint Nicolaas en zijn zwarte pieten.

Hoe dat nu kwam?
We woonden bij mijn grootouders in huis en de jongste zus van mijn moeder, ook nog thuiswonend, vond het heerlijk om mij enorm bang te maken. Als ik stout was, dan begon ze over zwarte piet, en dat ze mij zouden meenemen in de zak naar Spanje.
Zomaar, zonder pardon, plotsklaps, sleurden ze je blijkbaar uit je bed des nachts en weg was je.
Richting, je wistnietwaar,…
Ik vond het ook nogal eng, dat er snachts blijkbaar een Sinterklaas, en zijn zwarte pieten én zijn paard, allemaal door de schoorsteen naar binnen kwamen.
Maar ja, blijkbaar kwam het paard ook mee door de schoorsteen, aangezien ik in mijn schoen een wortel en/of brood moest neerzetten voor het paard.

Waar ik toch, vol blijdschap en slechte nachtrust, want je zou maar meegenomen worden en van je bed gelicht, ineens richting een heel warm land, op een stoomboot in het vooronder, weg zijn uit je vertrouwde omgeving, dus vol blijdschap omdat ik weer ontsnapt was aan die pietenbende, de trap afrende in de vroege ochtend, mijn schoen vol vond met cadeautjes.
Waar je toch kon zien dat het paard, aan de wortel had geknaagd, en aan het brood, want er lagen duidelijk kruimeltjes naast en in mijn schoentje, en dus ook stukjes afgeknaagde wortelsnippertjes.

Ja,ja mijn familie is nogal creatief zogezegd.
Alleen die Sint en zijn zwarte pieten, op straat in de stad, schrok ik me lam als ik ze zag lopen.
Ik was echt bang voor ze.
Ik vertrouwde hen niet zo.

Dat kwam natuurlijk door mijn moeders jongste zus die mij zo bang maakte altijd.
En er kwam een dag waarop mijn moeder op haar werk een Sinterklaas feest kreeg aangeboden.
Mijn neefjes en nichtjes mochten ook mee, nu dat was leuk. Alleen ik had enorme buikpijn.
Ik wilde ook echt niet mee!
Ik wilde gewoon thuisblijven, want ik vertrouwde het zaakje totaal niet.
Ik was 4 jaar oud, en ik huilde want ik moest toch mee en mij niet zo aanstellen.
Nou, nou…hoezo aanstellen, ik vond ze eng, en straks moest ik naar voren komen.
Mijn moeder verzekerde mij met een stalen gezicht dat ik echt niet bij de Sint hoefde te komen.
Echt niet, vroeg ik nog hoopvol. Nee echt niet, zei ze. Dus ik trok mijn stoute schoentjes aan en ging mee in de auto, inclusief allerlei neefjes en nichtjes.
In de zaal klopte mijn hart niet vol verwachting, maar alleen van de zenuwen.
Het bloed suisde door mijn oren, bonkend klopte het hartje mij in mijn keeltje.
Met grote ogen keek ik naar al die drukte, en die Sint op die stoel, en die enge zwarte pieten met enge pakjes en pluimen op hun mutsen, en enge fluwelen handschoenen aan.

Brr wat een griezels, die zag je niet eens als je ze snachts tegen zou komen.
Ik vond er maar niks aan, terwijl de rest van de kinderen juichten en lachten en handenvol pepernoten bemachtigden, zat ik stil op mijn stoel, te kijken naar dat gebeuren in grote angst dat je, zul je net zien, ik naar voren moest komen bij de Sint!
Voor al die kinderen in die zaal, honderden kinderen, en dan en dan…

Nu daar ging het gebeuren hoor, Sint zat op de stoel met het grote Sint boek en allerlei kinderen moesten een cadeau ophalen bij de Sint, maar niet nadat hij ze even flink de oren had gewassen aangaande stout gedrag e.d.
Toen ik dan ook plots de Sint mijn naam hoorde zeggen, stolde het bloed mij in de aderen.
Dit kon niet waar zijn, ik zocht de blik in mijn moeders ogen, maar ze keek me niet aan, opzij en links en omhoog. Maar mij in mijn grote onschuldige ogen blikken durfde zij ineens niet meer zo goed.
Nee, dat was nogal wiedus!

Vol tegenzin en een met weinig verwachting kloppend hart, brachten ze mij, wie, was het mijn moeder zelf die mij zo verraden had? Waren het neefjes en nichtjes die zich de broek bepisten van het lachen omdat ik aan de beurt was?
Ik wist niet eens meer wie, ik zag enkel dat grote podium voor mij, met een enge oude Sinterkerel, en allemaal gestoorde druktemakers met zwarte enge gezichten en knalrode dikke lippen.

En daar moest ik naar toe.
Met de tranen in mijn grote oogjes, stond ik daar, verlegen, bijna flauwvallend van angst, voor een mega zaal vol duizenden kinderen.
Nou, nou zei de Sint, ik schaamde mij toen al.
Nou, nou, en zo, zo…
Dussss…zei hij lezend in  zijn grote (bleek later nepboek, oplichters) boek…Dus, beste AngelWings,
dus jij eet smorgens je broodkorstjes nooit op. Foei toch, vermanend stak hij een muffe witte handschoen vinger in de lucht. (Alsof ze die Sinterklazen pakken wassen elk jaar hé, niks hoor gewoon weer in de doos op naar het jaar erna) In de zaal brulden de kinderen van het lachen, ik heb mij nooit zo vernederd gevoelt in mijn leven ook erna niet meer.
Dit was de totale ondergang van een jonge ziel in de maak. Verlegen, dacht ik dat ik niet dieper kon zinken, was er maar een gat in de vloer van dat podium waar in ik kon verdwijnen.
Kon ik maar vliegen, zo dacht ik als klein meisje van 4.
Waarom ik, er zijn er zoveel, nerveus keek ik de zaal in, duizenden kindergezichten die nu wisten dat ik, oh ik schaamde mij zo diep, mijn broodkorstjes niet op at smorgens. Maar mijn oma lustte ze ook niet dus…waarom moest ik dan wel die taaie krengen op eten?
Maar ik kreeg met betraande ogen, een cadeau in handen inclu een handvol pepernoten van een grijnzende piet, wat haatte ik hem!
En ik liep vrij onstabiel terug naar mijn stoeltje in de zaal, waarna er nog wat kinderen werden opgeroepen naar voren te komen, voor hun blamage.

Na enkele jaren vond ik onder het bed van mijn moeders jongste broer, enkele sinterklaastekeningen terug die ik ooit gemaakt had.
Verbaast zat ik daar op de grond, mijn oma was beneden, en iedereen was naar het werk. Verdoofd was ik, hoe kon dit?
Hoe konden mijn mooie tekeningen nu onder het bed van mijn oom liggen?
Ik voelde mij misselijk worden om dit intense bedrog. Had men mij voorgelogen? Had men mij bedrogen? Waarom?
Wat had ik hen toch misdaan, dat ik jarenlang deze angsten en wreedheden had moeten ondergaan?
Ik begreep er niets van.
Op navraag later legde men mij uit wie de sint was enzo.
Nu ik voelde mij intens belazerd!
En ik had ook een soort discriminerend gevoel ontwikkeld voor enorm donkere schaduwen in de nacht.
Is dat vreemd?
Ergens niet, maar ik heb de Sint en pieten beter geintroduceerd bij mijn eigen kind, geen angsten bijgebracht, niets doen wat een kind niet weet, niet liegen en bedriegen.
En mijn kind is nooit angstig geweest voor de sint en zijn pieterbazen.
Maar goed, het kan dus anders!
En dat heb ik dus ervaren.

Uit een soort wraak heb ik nooit meer broodkorstjes gegeten!

©AngelWings

Related posts