Steeds meer lichamelijke problemen en ziekten door modern Voedsel

Steeds meer lichamelijke problemen en ziekten door modern Voedsel

 

(Bij ‘primitieve’ volkeren enorm goede gezondheid tot op hoge leeftijd)

 

De wetenschap gaat spectaculair vooruit, we weten waanzinnig veel meer dan 100 jaar geleden, ook op gebied van het menselijk lichaam, ziekten, de voeding. Men zou verwachten dat de gezondheid nu spectaculair veel beter zou moeten zijn dan 100 jaar geleden, dat de mensen nauwelijks meer ziek zouden worden, dat iedereen tot enkele dagen voor zijn of haar dood gezond zou zijn en helder van geest, ook vrolijk, blij door het leven zou gaan.

 

Er zijn nog nooit zoveel ‘helpers’en therapeuten geweest. Tienduizenden artsen, fysiotherapeuten, psychologen, psychiaters, voedingsdeskundigen, maatschappelijk werkers, dieetspecialisten, enz, maar met al die mensen zijn we, met zijn allen niet in staat de gezondheid te verbeteren of men moet aan een complot denken die erop uit is dat mensen niet gezond mogen worden. Duizenden verdienen daaraan. Stel dat de helft van alle artsen, ziekenhuizen, fysiotherapeuten niet meer nodig zouden zijn of zelfs 80 procent niet meer.

 

Er is een verschil tussen net niet ziek zijn en optimaal gezond zijn. We weten erg veel van ziekten, zeer weinig van wat echt gezondheid is.

 

Allerlei onderzoekingen laten zien dat goede voeding met daarin veel vitamines en mineralen enorm belangrijk is, maar dan wel voeding dat niet bewerkt is, waaraan niets toegevoegd is zoals kleurstoffen, smaakverbeteraars, enz.

 

Langzamerhand gaat men denken dat het normaal is dat steeds meer mensen aan allerlei ziektes lijden, maar dat ook de psychische klachten enorm toenemen, waarbij ik denk aan ADHD-kinderen, agressie, depressie, zich eenzaam voelen, zelfmoord, enz.

 

Naast vooruitgang is er op tal van fronten een enorme achteruitgang. Hoe groot die achteruitgang is, wordt duidelijk als men de resultaten kent van enkele onderzoekers, die onderzoekingen deden bij volkeren, die nog het voedsel van hun voorouders aten, die met 70 of 80 jaar geen enkele ziekte hadden, waar geen enkel geval van hoge bloeddruk voorkomt, geen enkele geval van dementie, geen enkel geval van hersenbloeding, en waar mensen van 70 of 80 jaar nog een absoluut gaaf gebit hadden. Hieronder enkele onderzoekingen. Uit onderstaande artikelen blijkt dat mensen, die slecht eten en ziek zijn, aanzienlijk kunnen verbeteren als ze weer beter gaan eten.

 

Een goed werkend autonoom Zenuwstelsel ook zeer belangrijk.

 

Uit de onderzoekingen bij verschillende volkeren blijkt dat optimale voeding enorm belangrijk is; ook blijkt dat de meeste van die volkeren, hoge bloeddruk, stress totaal niet voorkomt, evenmin als hersenbloedingen, hartaanvallen, kanker, enz. Als deze klachten hangen nauw samen met een minder goed tot slecht functionerend Autonoom Zenuwstelsel. (zie artikel hierover)

 

De mensen, die mij bezoeken vertellen vrijwel allemaal dat ze zich, naast de klachten, waarvoor ze me consulteren, ook ‘moe’ voelen. Voor een groot deel hangt dit samen met voeding, maar misschien nog meer met een minder goed tot slecht functionerend Autonoom Zenuwstelsel dat ervoor behoort te zorgen dat alle organen goed functioneren, waaronder de maag, het hart, de longen, het zenuwstelsel, de darmen, de lever, de hersenen, de huid, enz. Bij vrijwel iedereen werkt dit stelsel minder goed. Dit stelsel behoort er ook voor te zorgen dat men goed slaapt en dat men ‘smorgens ‘fit’ opstaat.

 

Als dit stelsel goed werkt, voelt men zich ontspannen wat samen gaat met goed ontspannen spieren en goed werkende darmen, die het eten goed verteren en voldoende vitamines en mineralen uit het voedsel opnemen. Als dit stelsel niet goed werkt, kan men het beste voedsel eten dat er bestaat, maar dan nog wordt er te weinig vitamines en mineralen opgenomen. Iemand, die ontspannen is en goed in zijn of haar vel zit, heeft een maag, lever en darmen, die goed werken en daarom meer goede bestanddelen uit het voedsel haalt dan iemand die gespannen of zelfs gestresst is en zeer goed voedsel eet.

 
Hieronder enkele van die onderzoekingen, namelijk.

 

– Onderzoekingen van Hooton naar het gebit van indianen

 

– De onderzoekingen van de tandarts Weston Price naar de toestand van het gebit bij allerlei natuurvolkeren

 

– De onderzoekingen van de arts Robert Mc. Carrison bij verschillende bevolkingsgroepen in het oude India en

 

– De onderzoekingen van de oor-arts Dr. Rosen bij een volksstam op de grens van de Soedan en Ethiopië.

 

– De Hunsa’s

 

========================

 

1. Volmaakte gezondheid en lichaamsbouw bij ‘primitieve’ volkeren en geen tandproblemen.

 

Professor Hooton van de Harvard Universiteit onderzocht een groot aantal ‘skeletten’ op een aantal begraafplaatsen van Peck indianen, die in het Zuiden van de V.S. woonden of nog wonen. De skeletten als geheel zijn volmaakt ontwikkeld en vertonen ‘geen enkel’ degeneratieverschijnsel, waarbij ik denk als zaken van zoals krom lopen, versleten heupen, enz. Ook was er geen enkel geval van ‘tandcariës’te vinden, wat wil zeggen dat oude mensen over een gaaf gebit beschikken, terwijl in ons westen tallos veel mensen met een kunstgebit rondlopen, zelfs mensen van 30 jaar.

 

Zo gauw het ‘culturele peil’ omhoog ging, zag professor Hooton dat dit gepaard ging met afwijkingen aan het skelet en ontstond er tandcariës. Hij zag een duidelijk verband tussen deze achteruitgang en het gebruik van het moderne voedsel zoals blikgroenten, wittebrood en witte suiker.

 

Tegenwoordig (omstreeks 1970) komt het skelet bij veel jonge indianen niet meer goed tot ontwikkeling met als gevolg te nauwe bekkens en kaakmisvormingen.

 

2. Gave gebitten tot men overschakelde op moderne voeding

 

(Onderzoekingen van de tandarts Weston Price)

 

De Amerikaanse tandarts Weston A. Price oefende in Cleveland een grote praktijk. Als arts zag hij dat het gebit van de mensen achteruit ging, vooral bij kleine kinderen en vermoedde een verband met het voedsel dat ze aten. Nadat hij gestopt was met zijn praktijk besloot hij de hele wereld rond te gaan en allerlei volkeren te bezoeken, die nog niet in aanraking waren gekomen met de westerse beschaving.

 

Hij trok de hele wereld door, bezocht de meest uiteenlopende volkeren en verplaatste zich per vliegtuig, maar ook per kano, per slede, te voet over rivieren en bergen.

 

Hij hoorde van een indianenstam in het uiterste noordwesten van Canada en reisde daarheen. Zij aten hetzelfde voedsel dat hun voorouders duizenden jaren gegeten hadden. Hij bekeek 2464 indianen. Bij vier van hen ontdekte hij een spoor van tandcariës, dus 1 op de 600. Deze indianen waren volkomen gezond, geen enkel geval van degeneratie, Kaak en tanden waren normaal ontwikkeld.

 

Dat voedsel bestond hoofdzakelijk uit vlees (rauw zoals de eskimo’s doen?) een beetje groente en wat bessen en wortelen. De bijnieren van de eland werden in net zoveel stukken verdeeld als er mensen zijn, (in deze bijnieren blijkt erg veel Vitamine C te zitten),

 

Zo gauw enkele van deze indianen het voedsel van de blanken gingen eten wijzigde dit alles volkomen. Het voedsel van deze ‘moderne’indianen bestond uit wit meel, geraffineerde suiker, conserven enz, Het gebit werd slecht, er traden gewrichtsontstekingen op en tuberculose richtte onder de kinderen grote schade aan,

 

De kinderen van deze, door de Westerse beschaving beïnvloedde, indianen bleken er nog slechter aan toe te zijn. Er traden degeneratieve verschijnselen in de hele constitutie op. De gezichten werden smaller, de kin spitser, de kaakboog werd zo smal, dat de tanden onregelmatig doorbreken.

 

In diezelfde tijd leden in sommige delen van Amerika 25 % van de kinderen hieraan en in sommige gebieden was dit zelfs 75 % van de kinderen.

 

Volmaakt gave gebitten op de Tonga-eilanden in de Stille Oceaan.

 

In 1934-1936 zat Price op de Tonga-eilanden van de Stille Zuidzee. De mensen waren volkomen gezond en hadden gave gebitten. Er waren alleen sporen van een vroegere tandcariës te zien, wat samen bleek te hangen met een periode dat een schip af en toe kopra kwam ophalen in ruil voor conserven in blik.

 

Volmaakt gave gebitten op de Hebriden tot de beschaving kwam.

 

Voor de moderne, westerse invloed, kwam op deze eilanden geen enkel geval van tandcariës voor. De aantasting begon toen een winkelier besloot wit brood te gaan bakken en te verkopen, Enige tijd later bleek 16 % der kinderen aan tandcariës te lijden.

 

Samenvatting van de onderzoekingen.

 

Op grond van zijn ervaringen stelde Price de volgende tabel op.

 

Percentage aangetaste tanden voor en na invoeren van ‘modern voedsel’ bij verschillende volkeren.

 

Tandcariés

 

eskimo’s van 0,09% naar 13 %

 

seminolen-indianen van 0,04% naar 40 %

 

indianen in N,-Amerika van 0,16% naar 21,5%

 

indianen in Peru (kust) van 0,04% naar 40 %

 

indianen in Peru (binnenl,) van 0,0 % naar 40 %

 

inboorlingen in Australië van 0,0 % naar 70,9%

 

maori’s op Nieuw zeeland van 0,01% naar 55,3%

 

De Eskimo’s leven voornamelijk van vlees en vis, Veel hiervan eet hij rauw op, Van zeehond eten de kinderen rauw spek en ongekookte lever (hier zit veel vitamine A in)

 

De Eskimo’s eten ook vruchten en groenten, zoals: ‘zeewier’, groene kruiden, wortelen en bessen.

 

In tropische gebieden eet men voornamelijk plantaardig voedsel zoals rijst, palmolie, zetmeel bevattende cassave wortelen, vruchten, noten. Vlees en vis zijn zeldzame lekkernijen.

 

Price onderzocht ook het voedsel van al deze volkeren en hij ontdekte dat het voedsel veel meer mineralen en vitaminen bevatte dan de officiële instanties in de Verenigde Staten als noodzakelijk minimum opgeven.

 

Hij vergeleek de hoeveelheid vitamines en mineralen van al die volkeren met de hoeveelheid, die de Amerikaanse gezondheidsdienst als minimum opgeeft en ontdekte dat al die volkeren 5 tot 50 maal zoveel mineralen, enz binnenkrijgen, wat duidelijk blijkt uit onderstaande tabel.

 

Minimumbehoefte calcium-fosfor-ijzer-magnesium

 

Minimum 1 1 1 1

 

Eskimo’s 5 5 3 8

 

Indianen Noord Amerika 6 6 3 4

 

Indianen Peru-kust 7 6 3 4

 

Indianen-Peru-gebergte 5 6 5 14

 

Aboriginals 5 6 51 17

 

Maoris Nw-Zeeland 6 7 58 23

 

Oost Afrika(veetelers) 4 4 17 5

 

=================================================

 

3. Onderzoekingen in India

 

Sommige volkeren super-gezond, anderen ziekelijk.

 

De arts Dr. Robert McCarrison was in zijn tijd (omstreeks de eerste wereldoorlog) een bekend geleerde, lid van verschillende academies en lijfarts van de Britse onderkoning in India. Hij werkte vele jaren als arts in India. Het viel hem op dat de gezondheid en de gemiddelde leeftijd van verschillende groepen enorm verschilde.

 

1. De Pathanen in Noordwest India, het huidige Pakistan, waren groot, gespierd. Ze waren, en zijn nog steeds, enorm gesteld op hun vrijheid. Ze bewonen een moeilijk toegankelijk gebied. Zij behoren tot een bepaalde stam, men zou dus kunnen denken dat die gezondheid erfelijk is, maar dat is maar zeer gedeeltelijk het geval, zoals uit het verhaal over de Sikhs blijkt.

 

2. De Sikhs. De Sikhs vormen een religieuze groep. Ze zijn over het algemeen gezond, goed gebouwd en bereiken, gemiddeld een hoge leeftijd. De leden van deze religie behoren tot verschillende rassen en stammen en zijn verspreid over heel India, maar ze eten vrijwel allen hetzelfde voedsel dat hun godsdienst voorschrijft.

 

3. De Hunsa’s leven ten Noorden van Kashmir in een kleine vallei en staan bekend om hun fantastische gezondheid. Mensen van 80 zien er niet ouder uit dan 40 en van sommigen wordt beweerd dat ze 140 en zelfs tot 160 jaar oud zijn, maar dat wordt door Westerse wetenschappers niet voor mogelijk gehouden. Ze zijn zeer ontspannen en vredelievend; kinderen leren heel jong al te mediteren. Mc.Carrison vond niemand met een chronische ziekte of degeneratieve ziekte. Af en toe was iemand heel even ziek, zonder een negatief spoor na te laten. (zie uitvoerig verslaag aan einde van dit artikel)

 

4. De bewoners van ‘Madras’ maakten een zeer zwakke, uitgeputte indruk. Hun lichamen waren, over het algemeen, in slecht conditie. De meesten leden aan een aantal ernstige ziekten. Velen stierven op zeer jonge leeftijd. Gemiddeld werden ze niet ouder dan 30 jaar.

 

5. De bewoners van de deelstaat Bengalen maakten eenzelfde gammele indruk als de bewoners van Madras.

 

McCarrison ging na wat die verschillende groepen en volkeren aten. De Sikhs aten ongezuurd brood, peulvruchten, verse groenten, aardappelen, wortelen. Af en toe vlees en melk (ik neem aan dat het rauwe melk was. een kalf drinkt bij zijn moeder ook rauwe melk, dat wordt door de koeien ook niet eerst gekookt).

 

De Hunsa’s, zie verslag, aten ook zeer goed voedsel.

 

Ratten, een zeer gezonde gezondheid met voedsel van de Sikhs

 

Na het onderzoek bij verschillende groepen mensen, wilde McCarrison nagaan wat het effect van de verschillende soorten voedsel was op ratten. Als eerste gaf hij het voedsel dat de Sikhs eten, aan ratten. Alle ratten waren sterk, gezond, enz. Als Mc. Carrison een van de onderdelen sterk verminderde of helemaal wegliet, zoals de groente of de melk, traden er allerlei ziekten op aan de longen, de maag, de darmen, de nieren en de blaas,

 

Ratten reageren precies als mensen op verschillend soorten voedsel

 

De volgende stap was dat hij proeven deed met een groot aantal ratten, die hij in een aantal groepen verdeelde. Hij gaf elke groep het voedsel van een bepaalde bevolkingsgroep en ging na een aantal weken hoeveel de ratten van elke groep, gemiddeld, wogen (het gewicht is een indicatie voor de mate van gezondheid)

 

Met deze ratten deed men enkele proeven, zoals opzettelijk infecteren met ziekte-kiemen

 

Mc, Carrison maakte de volgende tabel :

 

– Pathaan-ratten 230 gram

 

– Sikh-ratten 235 gram

 

– de Maharatti – Ratten 225 gram

 

– de Canarezen – ratten 185gram

 

– de Bengalen – ratten 180 gram

 

– de Madras – ratten 155 gram

 

Men ziet, dat de laatste twee groepen ratten een stuk lichter in gewicht zijn, Het scheelt zowat 30 % met de zwaarste groep.

 

De Sikh-ratten waren mooie dieren, levendig en vlug, bestand tegen infectieziekten. De Madras-ratten waren miezerig, onderontwikkeld, ziekelijk en futloos. Een deel van hen overleefde de proeven niet eens, maar gingen ten gronde aan infectie ziekten, hetgeen overeen kwam met de toestand van de echte bevolking van Madras. Een aantal Madras-ratten waren agressief, vielen elkaar aan en sommige ratten vraten andere ratten zelfs op (kannibalisme)

 

Voedsel van veel Londenaren zeer slecht

 

McCarrison besloot ook een groep gezonde ratten het voedsel te geven dat veel bewoners van London dagelijks eten, zoals: wittebrood met margarine, ingeblikt vlees, weinig groente, jam, thee met suiker en weinig melk.

 

De gezonde ratten leden al gauw aan allerlei stoornissen en ziekten, zoals: ziekten aan de spijsverteringsorganen(maag en darmen) , de bloedsomloop, long-probleen, zenuwziekten en de klieren.

 

Dit alles lijkt wel op onze beschavingsziekten, die men bij veel mensen ziet en waarvan het aantal enorm toe lijkt te nemen, waaronder astma, depressie, agressie, enz.

 

Een voorbeeld. Geval van niet echt ziek zijn, maar ook niet gezond zijn

 

Eens kwam een vertwijfelde moeder bij McCarrison met een zoon van 9 jaar. Hij was vanaf zijn geboorte ziekelijk en sinds zijn derde jaar onder behandeling van diverse doktoren, maar wat men ook deed er was geen verbetering opgetreden. Hij zag er bleek uit, was stil, had geen eetlust en had last van ‘nachtmerries’.

 

Toen McCarrison vroeg wat de jongen te eten kreeg, vertelde de moeder dat hij goed en gevarieerd voedsel kreeg; ‘s morgens porridge en toast met spek en gebakken ei. De porridge bleek echter niet van volkoren havermout te zijn gemaakt, het brood was witte brood en voor het spiegelei gebruikte de moeder ei-poeder dat ze met water aanmaakte. De melk werd eerst gekookt, waardoor alle vitamines kapot. Het vlees en de groenten kwamen uit blik, waaruit de meeste vitamines en mineralen verdwenen zijn.

 

Volgens Mc.Carrison leed de jongen aan een gebrek aan vitamine A, B en C. McCarrison adviseerde meer natuurlijk voedsel te gaan eten, zoals ongekookte melk in plaats van melk gemaakt van melkpoeder, volkorenbrood, boter in plaats van margarine, verse eieren in plaats van eierpoeder, rauwe groenten in plaats van groenten uit blik, en sla. Na 5 maanden was de jongen volkomen veranderd en was sterk en gezond, vitaal en blij.

 

4. Mensen met een zeer scherp gehoor en zeer gezond

 

(In het land van de stilte (ook zeer gezond)

 

Steeds meer jongeren hebben last van gehoorproblemen. In een artikel las ik dat 30 procent van de jongeren. Die bij de Nederlandse spoorwegen solliciteren, daarom afgekeurd wordt. In het boek ‘Stress’ van Dr. Frederick Vester vertelt hij dat ‘Stress’ kan ontstaan door de vele harde geluiden, die we de hele dag door moeten verwerken. Hij noemt dit ‘lawaai-stress’

 

In 1963 verscheen een paar artikelen van de hand van Leonard Mosley, die uitgenodigd was door Dr. Rosen, een bekend ‘oor- specialist’ te New York.

 

Dr. Rosen zag in zijn praktijk, dat bij veel westerse mensen het gehoor enorm achteruitgaat en meent, dat dit met het vele lawaai van onze moderne samenleving samenhangt. We behoeven maar te denken aan het lawaai van auto’s, radio, televisie, dukeboxen, vliegtuigen, brommers, trams, stations, en dan al het lawaai van schreeuwende, gillende en luid-pratende mensen. en kinderen. Hij meende, dat een stam of volk dat nog in een zeer rustige omgeving woonde, een veel beter gehoor moest hebben dan veel westerlingen hebben. Om dit te verifiëren was hij op zoek naar een land waar de moderne beschaving nog niet doorgedrongen was. Hij vond zo’n gebied, namelijk in het noorden van de Soedaan, vlak tegen de grens van Ethiopië. Hij was vergezeld van een aantal artsen uit Duitsland, Egypte en de Soedan zelf.

 

Het land van dit volk, die Mabaan werden genoemd, lag in een ontoegankelijk moerasgebied en was omringt door veel kreupelhout. In dit land leefden 25.000 negers en het hoofddorp was niet groter dan 15 hutten met muren van bamboe. Er was geen enkel ‘modern geluid te horen, geen auto, geen radio, geen TV, geen wasmachine, geen brommer, niets van dit alles.

 

Men fluisterde en had een gebarentaal ontwikkeld.

 

In het dorp dat men onderzocht heerste een intense stilte, af en toe onderbroken door het gekraai van een haan, het geblaat van een schaap en soms in de verte het gebrul van een leeuw. Nergens hoorde men lawaai, ook niet het welbekende geroezemoes van zovele negerdorpen, ook geen geschreeuw van kinderen. Het geluid, bleek overdag de 40 decibel niet te overschrijden, (40 decibel komt overeen met het gezoem van een ijskast). Alleen bij het aanbreken van de dag was er het gewone lawaai van de vogels en dieren.

 

De mensen gingen fluisteren als ze met elkaar spraken en hadden zelfs een gebarentaal ontwikkeld om met elkaar te kunnen praten als anderen hen niet mochten horen.

 

Deze streek lag midden tussen landen waar de meest vreselijke ziekten heersen zoals malaria, slaapziekte en gele koorts. In het moeras zaten vele muskieten, die allerlei ziekten overbrachten. Toch bleek dat deze mensen volmaakt gezond waren. Het onderzoeksteam vond er geen enkele ziekte. De Mabaan waren kerngezond; zijn erg charmant en ongecompliceerd. Ze waren tevreden met hun wijze van bestaan en hadden er een afschuw van levende wezens, waaronder dieren, te doden. Ze doodden alleen dieren voor hun voeding.

 

Geen enkele ziekte bij de Mabaan

 

Het team begon met zijn onderzoekingen en kreeg daartoe toestemming van de

 

hoofdman. Uit alle mensen koos men 541 personen, variërend van jong tot oud. De doktoren onderzochten hen uitvoerig en ondervroegen hen naar wat voor ziekten zij vanaf hun geboorten hadden gehad. Het gehoor werd onderzocht met een moderne geluidsmeter. Men begon met het onderzoeken van jonge mensen en daarna de wat ouderen en daarna de alleroudsten. Dr Rosen en de andere artsen vielen van de ene verbazing in de andere. Bij de meeste mensen, die in het westen wonen, gaat het gehoor na het 30ste jaar achteruit met het gevolg dat er maar zeer weinig mensen zijn, die na hun 50e nog net zo goed kunnen horen dan iemand van 25 jaar. Bij deze stam hoorden alle mensen boven de 50 net zo goed als bij ons iemand van 25 en zelfs beter.

 

Men deed een proef met een willekeurige jongen en een meisje. Deze gingen

 

op een grote afstand, tweemaal de lengte van een voetbalveld, staan en

 

spraken toen met elkaar op normale toonhoogte, zoals wij praten als we vlak bij elkaar staan. De jongen en het meisje konden elkaar goed verstaan alsof ze vlak bij elkaar stonden.

 

Mabaan zeer, zeer gezond tot op hoge leeftijd.

 

De Mabaan wonen te midden van andere neger-stammen, waarvan de meesten niet ouder worden dan 45 jaar, de Mabaan bereikten een zeer hoge leeftijd. Van de 541, die men onderzocht, waren 22 ouder dan 70 jaar; 7 ouder dan 90 jaar; en 8 die ouder waren dan 100, maar dit volgens hun eigen opgaven. Als dit waar is, betekent dit dat er 15 honderjarigen waren op 1000 mensen. De onderzoekers hadden de indruk dat een aantal ouderen zelfs ouder waren dan ze opgaven.

 

Vrouwen van 50, die nog een kind kregen.

 

De gezondheid van al de onderzochte mensen, ook van de ouderen, was uitstekend. Er waren mannen, die nog na hun 70e jaar vader werden, verschillende vrouwen kregen nog kinderen op hun 50e.

 

Mabaan van 80 lijken 50

 

De oudere mannen en vrouwen zagen er eens stuk jonger uit dan ze werkelijk waren. Mannen van 80 jaar zagen eruit als 40 jarigen en de vrouwen zagen er ook een stuk jonger uit ook al waren ze ver voorbij de middelbare leeftijd.

 

Geen enkel geval van hartproblemen

 

In de ontwikkelde landen als Amerika, Canada, Scandinavië e.d. sterven ongeveer 30 % van de mensen aan hartziekten, hoge bloeddruk, trombose van de kransslagaderen, dit als gevolg van verkeerde voeding in combinatie met grote spanning van het dagelijkse leven. Vooral na 1945 steeg dit enorm. Tijdens de oorlog daalde allerlei ziekten, omdat we noodgedwongen minder en verstandiger moesten eten.

 

Deze Mabaan kenden geen ziekten; ook was er geen enkele geval bekend van hoge bloeddruk; niemand had last van gespannen of stijve spieren, maar waren nog net zo soepel als die van jonge mensen; hun ogen waren ook nog prima en niemand had een bril nodig.

 

Uit het onderzoek bleek, dat geen enkele Mabaan last had van aderverkalking, niemand had last van darmontsteking, longontsteking, maagzweren of astma.

 

De Mabanen waren slank; corpulentie kwam er niet voor. Geen enkele Mabaan had een kromme rug of een ingevallen borstkas.

 

De Mabaan hadden geen last van stijve of gespannen spieren, maar waren tot op hoge leeftijd gezond, slank, fit en lenig. Vele van deze mensen liepen naakt rond en ze mochten ‘gezien worden’.

 

Bloeddruk bij ouderen lager dan bij jongeren.

 

In het westen vond men het normaal dat de bloeddruk stijgt naarmate men ouder wordt en gaat men ervan uit dat de bloeddruk gelijk mag zijn als 100 plus je leeftijd. Bij de Mabaan daalde de bloeddruk juist naarmate men ouder werd.

 

Geen enkele Mabaan had ooit een beroerte had gehad.

 

(Zou dit met die stilte of met de voeding samenhangen? Misschien is het zo dat de ouderen minder hard hoefden te werken?.

 

Bloeddruk per leeftijd

 

Bloeddruk van: Amerikaan Mabaan

 

20 jaar 125 114

 

50 136 110

 

75 145 104

 

Tot op hoge leeftijd een volmaakt gaaf gebit.

 

De Tanden waren volmaakt gaaf, zelfs op hoge leeftijd.

 

Zeer goede voeding met weinig vet.

 

Het voedsel dat ze eten is voor het grootste gedeelte vrij van vet. Hun hoofdvoedsel bestaat uit een soort graan, dat op mais lijkt. Daarvan maken ze een zuurachtig, zacht brood.

 

Uit dit graan maken ze ook bier (dat veel vitaminen bevat). Dit drinken ze veel en daarvan worden ze ook wel dronken, maar kennelijk kan hun lichaam daar tegen.

 

Af en toe slachten ze een varken of vangen ze vis, die ze bakken in dadelolie.

 

In het artikel wordt niet verteld of ze groente of fruit eten, maar dit zal waarschijnlijk wel het geval zijn. Uit het onderzoek bleek dat deze mensen geen enkel gebrek hadden aan vitaminen, mineralen en eiwitten.

 

Eens in de 10 dagen voeren ze een soort dans uit, dat meer leek op ingetogen wiegen.

 

Daarbij wordt zacht op een instrument getokkeld en neuriën ze zacht. Tijdens deze ‘dans’ is er geen enkel verschijnsel van opgezweept worden of hysterie, zoals men dat veel bij negers vindt.

 

Wel allerlei ziekten na contact met ‘moderne wereld’.

 

8 leden van de Mabaanstam besloten te gaan werken in Khartoem, de hoofdstad

 

van Soedan. Na vrij korte tijd hadden 4 van hen al last van hoge bloeddruk en

 

trombose aan de.kransslagaderen. (Kwam dit door het meerdere lawaai of het eten van ander soort voedsel?

 

Opm. Vers bier gezond

 

In de tijd, dat er zoveel scheurbuik op de schepen voorkwam ten gevolge van tekort aan vitamine C, dat soms honderden personen dood gingen, ontdekte een kapitein dat de bemanning en passagiers daar geen last van kregen wanneer hen veel vers gebrouwen bier versterkt werd. Na die ontdekking zorgden velen ervoor, dat er volop bier mee ging op de schepen.

 

Later ontdekte men dat het gerst, waar men het bier van maakte, zelf geen stof bevat, die scheurbuik voorkomt, maar dat die stof ontstaat zo gauw het gerst begint te ontkiemen en te spruiten. Dit ouderwetse bier bevat nog meer waardevolle stoffen, maar in het moderne bier zijn veel van die stoffen niet aanwezig.

 

De Mabaan drinken veel bier, misschien dat hier veel van die stoffen inzitten, die hen zo gezond houden. Toch waren ze niet corpulent, wat men wel ziet bij veel Europeanen, die veel bier drinken.

 

———————

 

5. Een kerngezond volk tot op hoge leeftijd

 

De Hunsa’s in het noorden van India.

 

De arts McCarrison bezocht in begin van de vorige eeuw verschillende stammen, waaronder de Hunsa’s in Noord-Indias en zag hoe perfect gezond ze waren. Na hem volgden anderen, waaronder Renee Taylor, die daarover een boek schreef.

 

De Hunsa’s leven in een langgerekt dal in de Himalaya’s in het noorden van Pakistaan. Daar wonen ze al 2.300 jaar geïsoleerd van de buitenwereld. Men kan dit landje alleen maar via een bergpad van 100 km lang bereiken, te voet of in een jeep, die zich zeer langzaam voortbeweegt. De weg is levensgevaarlijk en gaat langs afgronden van meer dan 1000 m diep. Af en toe dondert er een lawine van stenen naar beneden en verspert de weg; de weg moet dan eerst vrij gemaakt worden.wat soms uren duurt. De weg stijgt tot een hoogte van 4800 meter. Daarna begint een lange afdaling en bereikt men uiteindelijk de hoofdstad Baltit, waar ook de koning woont.

 

De Hunsa’s zijn blanken, die afstammen van drie soldaten uit het leger van

 

Alexander de Grote (300 voor Christus) en een Perzische vrouw. Zij hebben kaukasische trekken en spreken een taal, die men met geen enkele andere taal ter wereld verwant, is.

 

In dit land bestonden geen restauranten, geen bioscopen, geen auto’s en geen fabrieken. Er zat ook geen goud of olie in de grond (er viel dus niets te halen), Er waren geen winkels, men verbouwde er alles zelf. Er was ook geen geld; als men iets nodig had dat men niet zelf kon maken, ruilde men dat voor iets dat ze wel hadden.

 

Zeer gezond en werden zeer oud. Vele boven de 100.

 

Het klinkt zeer ongeloofwaardig, maar de onderzoekers ontdekten dat de er veel mensen waren van ver boven de 100, meerdere mensen waren zelfs 150 jaar oud. De ‘gemiddelde’ leeftijd zou 100 zijn.

 

Bij dit volk kwam geen enkele ziekte voor. Mensen van 90 zagen er uit als 45. Oude mensen hadden nog een volmaakt gaaf gebit , zwart haar en werkten de hele dag, deden aan sport, liepen per dag, zonder enig probleem, 50 km, waarbij ze bergen op en af gingen, en bezaten een enorme levensblijheid, waarvan bekend is dat dat een zeer goede invloed heeft op het afweersysteem.

 

Zeer opgewekt, geen enkel geval van depressie.

 

Alle mensen hadden een stralend humeur, waren erg gastvrij, behulpzaam en kinderlijk blij. Diefstal kwam er niet voor.

 

De lucht was kristalhelder en tintelde van zuiverheid (waar vinden we dat

 

nog in Nederland?)

 

De rivier was eveneens kristalhelder en bevatte, zoals uit onderzoek bleek, erg veel mineralen. Dit water liet men af en toe over het land vloeien.

 

Men bewaarde alle planten resten (compost) en de as van het vuur, waarmee men huizen verwarmde of het eten kookte en strooide dit over het land. (In de oorlog strooiden de boeren in Nederland ook de as van de houtvurén over hun land. (in die as zitten veel mineralen)

 

Het fruit van de bomen en de groenten van het land zagen er geweldig uit (wat men niet kan verwachten van de gewassen die bij ons op steeds uitgeputte grond moet groeien, waardoor er steeds minder vitamines en mineralen in de groente en het fruit aanwezig is; volgens sommigen niet meer dan een-tiende van wat er vroeger in zat)

 

Geen enkel ziekte

 

Er kwam geen enkele ziekte voor, dus ook geen hartziekten, ook niet bij de ouderen, geen maagproblemen, geen reuma, geen huidziekten. Alle mensen van jong tot oud hadden een zeer gave huid, zonder rimpels, zoals wij alleen maar bij jonge kinderen zien.

 

Er was geen enkel geval van dementie bekend. Tot op hoge leeftijd bleven de mensen lichamelijk sterk en geestelijk gezond. Er kwamen geen oogafwijkingen en gehoorproblemen voor. (Bij ons lopen veel kinderen van 5 jaar al met een bril en heeft 30% van de twintigjarigen een gehoorsbeschadiging0

 

De onderzoekingen in de Londense wijk Peckham toonden aan dat maar 7 % van de mensen, min of meer gezond, was. Men kwam aan die 7 % omdat men bepaalde verschijnselen niet meerekende zoals tandcariës, anders was er waarschijnlijk helemaal niemand gezond, zeker niet volgens de normen van de Hunsa’s.

 

Hun hele leven actief.

 

Een wetenschappelijk team, dat daar gedurende een jaar onderzoekingen deed, waar ze een film van maakten, was op zekere dag getuige van een polo-wedstrijd tussen ‘junioren’ 16-50 jaar en ‘senioren’ van boven de 70, waarvan zelf een man zelfs 125 jaar was.

 

Polo is daar de nationale sport en met ging door tot een van de partijen 9 punten bij elkaar had, ook al moest het 4 uur achter elkaar duren. Een pauze kende men niet. De wedstrijd werd verloren door de senióren met 2 punten verschil. De deelnemers vertoonden. Na afloop, geen enkel spoor van vermoeidheid.

 

De mensen werkten de hele dag op het land, vooral de vrouwen deden het werk op het land, de mannen hielden zich bezig met zaken als timmerman en weven.

 

Er bestonden geen auto’s; men verplaatste zich lopend. Men deinsde er niet voor terug ‘s morgens 30 km te lopen, een wedstrijd te zien of aan een rechtspraak bij de koning mee te doen en daarna, zonder enige moeite, weer terug naar huis te gaan. Ook de oude mensen van 90-100, die er 40 jaar jonger uitzagen, liepen met veerkrachtige tred of reden paard. Als ze liepen, deden ze dit zonder te moeten hijgen, en haalden, zonder problemen, een westerling van 40 in, die al hijgend vooruit probeerde te komen.

 

Er werd vrij regelmatig aan sport gedaan, vooral polo. (bij ons daalt het aantal mensen, dat na hun dertigste nog wat aan sport doet, aanzienlijk)

 

Op de scholen werd elke dag een uur gymnastiek gedaan en dit gebeurde zeer intensief. Ook zong men elke dag een uur, wat erg goed is voor de ademhaling.

 

(Op onze scholen mag men blij zijn als men een uur per week zingt)

 

Elke morgen 600 m klimmen.

 

Reeds meer dan duizend jaar geleden legde men op de rotshellingen terrassen

 

aan door muurtjes te bouwen. Ze haalden aarde 600 m lager uit de rivier.

 

Elke morgen gingen al de mensen naar die terrasjes. Elk gezin had 2 ha grond en daar konden ze van leven, zij het vrij sober. Elke morgen moesten de mensen dus 600 m klimmen (wij zijn bekaf als we 3 trappen, bij elkaar 9 m moeten beklimmen).

 

Zeer ontspannen,

 

De mensen werkten vrij rustig, in een regelmatige tempo en zonder allerlei onnodige spierbewegingen te maken. Af en toe gaan ze zitten of liggen, ontspannen zich volkomen; daartoe worden ze van kindaf aan getraind. De auteur, Renée Taylor, schrijft in haar boek dat ze eens een kind van 9 jaar aan de kant van de weg zag zitten, die, met de ogen gesloten en een blijde glimlach, rustig zat te mediteren, geestelijk en lichamelijk volkomen ontspannen.

 

De mensen stonden vroeg op en gingen vrij vroeg naar bed, maar sliepen ongeveer 8 uur per dag. ‘s morgens vroeg zat men vaak op de waranda van het huis of men ging naar de plaatselijke moskee. De mensen gingen om 6 uur al naar hun werk. Men had er geen elektrische licht, ook was er geen radio of TV.

 

Goede relatie ouders-kinderen.

 

De basisbehoeften waar prof. A. Maslow over spreekt, werden daar optimaal bevredigd, zoals goed eten en drinken, zich veilig voelen, goede communicatie en gevoel dat ouders van je houden, zoals uit volgende blijkt.

 

De relatie tussen de ouders en de kinderen was enorm goed. De kinderen respecteerden de ouders. Zij zagen en ervoeren de ouders als wijs, verstandig, vol liefde en geduld en dat waren ze ook. De ouders hielden ook veel van hun kinderen en respecteerden hen als mensen waar ze voor moesten zorgen. Toch waren de ouders vaak afwezig, waren op het veld en konden vaak niet al te veel aandacht aan de kinderen schenken. De kleine kinderen waren al vroeg zeer zelfstandig en het nemen van eigen verantwoordelijkheid en initiatief werd door de ouders zeer aangemoedigd. Er bestond een diepe genegenheid tussen de ouders en de kinderen.

 

Echtscheiding kwam daar niet voor. De ouders zochten de partners voor hun kinderen uit en men kreeg elkaar pas te zien op de dag van het huwelijk. De moeder van de bruid ging de eerste weken mee met het jonggetrouwde stel en leidde het huishouden; men wilde niets aan het toeval overlaten.

 

Mannen van 90 jaar werden nog vader.

 

De mensen waren lang en slank; corpulentie kwam er niet voor. Ze leefden vrij sober terwijl ze elke dag enkele honderden meters moesten klimmen naar hun veldjes op de terrasjes in de bergen waar ze hele dag moesten werken. Een vrouw van 90 maakte elke dag brood, met de hand, voor 100 mensen.

 

Rauwe groenten. grof bruin brood en vruchtendranken.

 

Men at maar twee maal per dag. De eerste maaltijd werd om 12 uur gebruikt, terwijl die mensen dan al vanaf 6 uur gewerkt hadden, de tweede maaltijd werd ‘savonds gebruikt.

 

Het belangrijkste voedsel was Chapatti, een soort platte broden gemaakt van gemalen granen (tarwe, rogge en gerst) en peulvruchten zoals erwten en bonen.

 

Dit brood werd elke dag vers gemalen en vers gebakken. Als men op reis ging nam men een klein handmolentje mee en wat graan en peulvruchten en maalde zelf het meel en bakte het brood boven een houtvuurtje.

 

Naast brood at men veel abrikozen, vers of in gedroogde vorm. Men zag in het hele land vruchtenbomen. Men dronk erg veel vruchtensappen en kruiden thee. (Veel mensen, in het westen, eten wit brood waar vrijwel alle vitamines en mineralen uit verdwenen zijn, groente uit blik en vruchtensappen uit een fles vol conserveringsmiddelen en bespoten fruit, geteeld op uitgeputte grond, waardoor er veel minder of zelfs nauwelijks goede stoffen in het fruit aanwezig zijn.

 

De Hunsa’s aten ook pinda’s (rauw), noten, sla (aangemaakt met een mengsel van druiven, azijn en abrikozen, en olie uit de pitten van de abrikozen.

 

Verder at men aardappelen, erwten, bonen, kaas, boter, melk en karnemelk, yoghurt, spinazie, koolraap en wortelen en radijs. De groenten werd meestal rauw gegeten.

 

Als men groente kookte, deed men dit met zeer weinig water, maar het koken gebeurde in zeer weinig vocht en leek meer op een soort ‘stoven’. Het vocht gebruikte men om er soep van te maken, waardoor de vitamines en mineralen niet weggegooid werden.

 

De vruchtbomen zoals de kersen-, peren- en abrikozenbomen zien er fantastisch goed uit. Door de bijzondere goede grond smaken de vruchten allemaal zeer zoet.

 

Opm. PL. Als men bekijkt wat de Hunsa’s eten, dan komt dat, in grote lijnen, nauw overeen wat veel oude volkeren aten en wat vele primitieve volkeren nog eten, zoals: volkorenbrood waar nog alle vitaminen in zitten en mineralen, groenten, die men voornamelijk rauw eet en waar door het stoven ook maar weinig vitaminen verdwijnen, rauwe melk, vruchten en dit alles gekweekt op zeer goede grond, waardoor deze groente en dat fruit vol zitten met allerlei goede stoffen en daardoor een zeer goed effect hebben op de mensen, die dit alles eten.

 

Het geheim van de fantastische gezondheid van de Hunsa’s.

 

We vinden zeer duidelijk dat dit uit verschillende factoren bestaat zoals voeding, sport, zich kunnen ontspannen, een goede opvoeding, een goed onderwijs, goede relatie ouders- kinderen, hard, lichamelijk werk en een sobere levenswijze.

 

Uit deze en andere voorbeelden zouden we langzamerhand lering moeten trekken.

 

Veel kinderen en volwassenen in het westen eten een zakje patates frites met mayonaise waar vrijwel geen mineralen meer inzitten en de eiwitten kapot gebakken zijn, een wit broodje met vlees, een flesje limonade. De gevolgen zien we overal om ons heen. Welke rampen moeten eerst over ons komen. Wordt het niet tijd, dat er van regeringswege drastisch ingegrepen wordt?

Gerelateerde Berichten