web analytics
AngelWings Verhalen

Het Heiligdom van de Roze Oral-B

Het Heiligdom van de Roze Oral-B

Ergens in Nederland bevindt zich een officieel nationaal rampgebied. Het is geen overstroming, geen vulkaanuitbarsting, maar de badkamer van Mark.
Het is inmiddels zes maanden geleden dat Brenda haar koffers pakte. Brenda, de vrouw die van de ene op de andere dag transformeerde van “Je bent mijn zielsverwant” naar “Wie ben jij en waarom adem je in mijn richting?”. Brenda, die overigens al haar exen stalkers noemt, wat logisch is, want als je plotseling verdwijnt zonder een woord te zeggen, gaan mensen zich toch afvragen of je ontvoerd bent door aliens of gewoon naar de supermarkt liep.

Maar Brenda liep niet naar de supermarkt. Brenda checkte gewoon uit. Hotel Mark sloot de deuren. Geen gratis ontbijt meer, geen gratis overnachtingen meer, doei.
En wat doet Mark? Trekt hij een biertje open? Scheldt hij een keer keihard naar de maan? Gooit hij haar spullen uit het raam?

Nee. Mark stichtte een religie.
Het begon op dag één. Terwijl Brenda waarschijnlijk ergens op een terrasje met een Aperol Spritz in haar hand een nieuwe scharrel aan het versieren was, knielde Mark neer in zijn douchecabine. Want daar stond het. Hét Reliek. Hét Bewijs Van De Eeuwige Liefde.

Haar roze tandenborstel.
Met half uit elkaar gewaaierde borstelharen en een ingedroogde klodder Aquafresh leek het ding verdacht veel op een stuk plastic afval van twee euro vijftig bij de Kruidvat. Maar voor Mark was het de Heilige Graal.
“Ze voelt dood voor mij, mam,” snikte Mark, starend naar de douchekop.
“Ze is niet dood, Mark. Ze zit gewoon op Instagram foto’s van havermelk-cappuccino’s te liken.”
“Nee, mam, je begrijpt het niet. Kijk hoe het licht valt op de tandenborstel! En haar ogen… mam, heb je haar ogen ooit écht gezien vorig jaar? Zó mooi. Zó mysterieus.”
Ondertussen had Mark zijn moeder gepromoveerd tot voltijds praatpaal. Elke dag, klokslag zeven uur ’s avonds, ging de telefoon. Zestig minuten lang.

Maandag: “Mam, ze waste haar haar altijd met kokosshampoo. Elke keer als ik een Bounty eet, moet ik huilen.”
Dinsdag: “Mam, ze hield van zuurstof. Als ik nu inadem, voelt het alsof ik háár inadem.”
Woensdag: “Mam, waarom zei ze niks? Zou ze geheugenverlies hebben gekregen door een vallende kokosnoot?”
Donderdag: “Mam, die tandenborstel… ik denk dat ik er een glazen stolp over ga zetten met een klein waxinelichtje ernaast.”

Zijn moeder, die inmiddels meer Brenda-dossiers in haar hoofd had dan de AIVD, voelde haar oogleden ongecontroleerd trillen. Haar maag keerde om bij het horen van de letter ‘B’. Zes maanden lang luisterde ze naar een volwassen vent die treurde om een vrouw die hem behandelde als een versleten badmat.
Ondertussen bij de vader van Mark:
“Hee pa, gaat goed man. Zondag Formule 1 kijken?”
“Is goed jongen, tot dan.”
Geen traan. Geen tandenborstel. De vader wist niet eens dat de relatie uit was.
Tot die ene dag. Dag 183. De dag dat de moeder van Mark het Heilige Reliek bekeek, diep ademhaalde en dacht: tot hier en niet verder.

Toen Mark weer begon over de onpeilbare diepte van Brenda’s oceaanblauwe ogen, flapte het eruit:
“Mark, hou in godsnaam je kop over die ogen! Ze kijkt scheel uit d’r doppen als ze boos is, ze heeft je als een gratis hotelkamer gebruikt en ze is niet eens knap!”
Het bleef drie seconden stil aan de lijn.
Mark keek naar de tandenborstel.
De tandenborstel keek terug.

Gerelateerde artikelen

En ergens in de verte, op een zonovergoten terras, bestelde Brenda nóg een drankje, volkomen zich er niet van bewust dat een volwassen kerel zes maanden lang een plastic stokje stond te aanbidden in zijn douche.
Moraal van het verhaal: als iemand je dumpt zonder reden, bouw dan geen museum voor haar tandenborstel. Flikker hem in de prullenbak, neem een koude douche en ga weer leven.

Laat meer zien

Gerelateerde artikelen

Back to top button