web analytics
AngelWings Verhalen

Boeren liefde (Polderverhalen)

Boeren liefde (Polderverhalen)

ffb9a40de105bfd9e8ce3a6893aa96a9 AnGel-WinGs.nl

Iedere ochtend, klokslag half negen, liep oma Jannegien over het schelpenpad langs de wei van boer Postema.
Aan haar linkerkant van haar rollator bungelde altijd een rode plastic boodschappentas, waar ze niks mee deed, behalve dat zwaaien bij elke beweging en looppas, aan haar rechterkant hupte Binkie, haar bejaarde tekkel met de ruggengraat van een harmonica.
En bovenop haar rollator lag steevast Schoef, een grijzige poes met een blik alsof ze al drie mensenlevens spijt had van haar keuzes.

Boer Postema had dat jaren aangezien van achter zijn keukenraam.
Altijd in datzelfde hesje.
Altijd met zijn koffie verkeerd.
Altijd nét iets te lang kijkend naar Jannegien’s zilverdradige knotje dat wiebelde als een zachte metronoom.

Maar ja, wat zeg je nou, op je 71e?
“Zeg, kom je eens kijken naar m’n kalveren?”
Dat klinkt toch al snel alsof je Tinder niet snapt.

Tot die ene ochtend.

Jannegien liep weer zoals altijd langs z’n wei, even op het dorp aan met de diertjes en de boodschappentas,
maar toen… gleed Schoef met rollator en al van het pad af, het weiland in.
Binkie begon te blaffen met het geluid van een modern koffieapparaat.
Jannegien krijste als een skûtsje dat tegen de wind in keerde.
En daar kwam Postema aan op zijn pantoffels nog eens aan toe.
Rennend. Nou ja, in zijn tempo.
Hij sprong — half — over het hek, struikelde over een molshoop, belandde naast Schoef in de modder,
en daar lagen ze dan, oma, boer, poes, rollator, tekkel…
Eén groot nat Fries stilleven. Jannegien keek die oude boer eens aan met zijn witte kuif en grote grijns, hij was niet lelijk dat mocht gezegd.

Hij keek haar aan, haar lieve snoet voor hem en zij keek terug.
“Nou,” zei hij, “as dit gjin teken is, dan wit ik it ek net mear.” (-Als dat geen teken is dan weet ik het ook niet meer!-)
En Jannegien, die normaal haar woorden zorgvuldig als plakjes echte rookworst van slager Beersma in de erwtensoep legde, zei alleen:
“Do moatst wol earst dyn broek útspoele.” (-Dan moet je wel eerst die broek uitspoelen-)
(Dat was overigens geen flirt. Die broek was écht smerig.)

Die middag zaten ze samen aan de keukentafel bij boer Postema.
Koffie verkeerd, bastognekoekje erbij.
Postema deed een radiootje aan met oude Friese smartlappen.
Schoef lag op het stoofje, Binkie sliep onder de tafel en liet af en toe een levensfilosofisch hondenkreuntje horen van geluk. Het voelde als een thuiskomen wat het ook was na vele jaren.
Jannegien trok al snel in bij boer Postema en ze leefden misschien niet heel lang nog samen, maar toch lang genoeg om geluk te kennen in het leven van alledag.

Gerelateerde artikelen

En zo gebeurde het dat Jannegien en Postema, op een leeftijd waarop de meeste mensen alleen nog liefdesbrieven van de tandarts krijgen, alsnog verkering kregen.

Op een dinsdag. Het bleef hun lievelingsdag samen.
Altijd de dinsdag. Dan bakte ze cake voor hen samen en namen ze het er even van rond het koffie uurtje die dag.

Want maandag was ze bij de pedicure, en op woensdag was Postema altijd z’n duifjes kwijt.

Gerelateerde artikelen

Check ook
Close
Back to top button