Waarzeggerij in vroeger tijden

In het oude testament kan men op tal van plaatsen tekstregels vinden die bewijzen hoe gevaarlijk magiërs, waarzeggers en droomuitleggers reeds in zeer oude tijden beleefden.
In het 5e boek van Mozes staat bv:
De profeet of droomuitlegger moet met de dood worden bestraft.
Dante verbande de waarzeggers in het inferno van zijn Goddelijke comedie (Divina Commedia) onverwijld naar de hel.
Bovendien moesten ze daar ronddwalen met het hoofd naar achteren gedraaid omdat het aan hen die de toekomst willen zien, verboden is voor zich uit te kijken.
In de tijd van Keizer Constantijn (hij leefde van 285 tot 337) stond op het beoefenen van astrologie de doodstraf.
In de Middeleeuwen is veel bekend wat men deed met mensen die zich hiermee bezighielden, de brandstapel was hun deel.

Voor de oermens was een vooruitblik normaal, op bv bepaalde groeiwijzen van planten, getijden, het weer, veel van deze waarnemingen zijn in onze dagen nog wel bekend.
Velen weten dat het gaat regenen als zwaluwen laag vliegen, of als de maan een halo heeft, dat als de muggen dansen of een krachtig avondrood aan de hemel te zien is in de avond, dat het dan de volgende dag mooi weer zal worden.

In vroeger tijden waren dit belangrijke voortekenen, mensen waren er afhankelijk van, voor hun voedsel en overleving.

Men geloofde dat dit Goddelijke verschijnselen waren, en als God boos was dan zond hij slecht weer dat akkers verwoeste bv.

De akkadiërs, een Chaldeeuws volk dat ongeveer van 4000 tot 2000 leefde voor onze tijdsrekening in Mesopotamië, ontdekten het eerst dat alle veranderingen aan de sterrenhemel periodiek verliepen.
In hun enorme als sterrenwachten ingerichte piramides, welke meestal 7 verdiepingen telden (Chakra’s)- men gelooft dat de toren van Babel hier ook toebehoorde- observeerde men alle natuurverschijnselen en schreef deze op.

Na langere tijd ontdekte men dat zij hier uit konden opmaken dat er een verbinding was met bepaalde planeetstanden.
Men kon het weer goed voorspellen maar ook natuurrampen bv.
Daarmee ontstond de astrologie.

Een wetenschap waarbij de sterren op den duur tot Goden werden met elk hun eigenschappen, vertaald naar de mensheid toe.

Ook hadden de Chaldeeërs een 3 voudig pijlorakel om de toekomst te onderzoeken.
Men schudde hierbij zeven pijlen in een koker, vervolgens trok men er een uit en liet deze door een priester verklaren.

Of de magiër nam de koker in zijn hand en voorspelde dan naar gelang van de bewegingen.

Bij een derde mogelijkheid werden de pijlen afgeschoten in verschillende richtingen, uit de manier waarop zij neervielen of ergens ingeschoten werden voorspelde men dan de toekomst.

De vorm van wolken, lichtfitsen, aardbevingen, rooksignalen, vuurverschijnselen, beweging en geruis van bronnen en water, bomen, vogels die riepen en vlogen, ja zelfs het geluid van huisraad, waren allemaal dingen waarmee men voorspellingen deed.
Later gaf men dit alles ook wetenschappelijke namen.
Zelfs het uitleggen van dromen, welke door de eeuwen heen toch een van de meest belangrijke voorspellers was, werd in die tijd al gepraktiseerd.
Zij geloofden bv ook in een voortbestaan van de ziel na het overlijden.
dus riepen zij ook de overleden zielen op en lieten zich door hen waarzeggen.

Bij de oude perzen stond astrologie in hoog aanzien.
De benaming magiër, die in de middeleeuwen ook nu nog, gebruikt werd voor mensen van wie men dacht dat zij over speciale gaven beschikten, stamt uit Perzië.
De magiërs waren van oorsprong een Medisch geslacht.
Waarhet priesterschap erfelijk was.
Volgens de legende zijn de drie koningen uit het Morgenland magiërs geweest.
Alleen dankzij de astrologische kennis die zij bezaten konden zij de weg vinden naar Christus zijn geboorteplaats.

 

Related posts