Om wat de ”wijzig” denkende dacht

Hoofdschuddend
Vingerwijzend
Zijn zij die oordelen
Zonder enig besef
Van lef
Tot de gehardenen die behoren
Die met ogen en ziel aanschouwden
Wat velen niet zagen
Op deze aarde
Die bleven staan
Met hun rustige aard
Fijnbesnaard
en in ontzag aankeken
Wat deze
Hoofdschudders dachten
te mogen zeggen
Over wat hen nog nooit overkomen is
Ware zij in de voetsporen van deze helden
Dan mochten zij denken en zeggen
wat zij ervan vonden
Maar nooit vindt men er één
Onder de sterke heldhaftigen die
Zo oordelen zal
Omdat zij veel meer begrijpen kunnen dan zij
Die zover nog lang niet zijn
Denkt de wijzende wijzer nog te zijn
En maken zij de ander klein
Als de mug
die zoemt om het hoofd van de adelaar
Rust men uit als een leeuw
Na zijn jacht
Een goedmoedig grom en hij lacht
Om wat de ”wijzig” denkende dacht

©AngelWings

Gerelateerde Berichten