29 oktober 2020

 

Even een boodschap doen

Tranen, omdat dit boek toch grotendeels wordt gerout.
Even een boodschap doen, op naar de supermarkt. Je pakt het verplichte karretje en loopt daarmee langs de vrouw die voor de ingang ijverig het door haar gepakte karretje staat te schrobben. Je schudt je hoofd een keer en vraagt je af waarom die vrouw niet weet dat het volslagen zinloos is.
Binnengekomen zie je direct alleen maar ogen die staren, overal ogen. Ogen die een vermenging van angst, boosheid en afkeuring uitstralen. Rustig loop je door en een gek gevoel begint omhoog te komen. Elk gangpad wat je inslaat kom je die ogen tegen. Angstig gaan die ogen gauw de andere kant op. Je glimlacht een keer en probeert geen aandacht te besteden aan dat gekke gevoel wat zich steeds meer meester van je lichaam maakt.
Rustig pak je wat je nodig hebt, terwijl je steeds weer die ogen tegenkomt waar je ook gaat. Je begint je af te vragen hoe het mogelijk is dat jij als vredelievend hartelijk mens die altijd netjes mensen groet als je ze tegenkomt, en altijd even klaar staat om te helpen of bereid is voor een praatje, ineens wordt aangekeken alsof je een crimineel bent. Je vraagt je af of jij misschien toch degene bent die gek aan het worden worden is. Maar hoe kan dat? Ik doe toch gewoon normaal?
Langzaam begint het door te dringen wat dat gevoel is wat je nu overal voelt. Waar je eerst dacht dat het een soort van angst met schaamte leek te zijn, blijkt het iets totaal anders te zijn. Ineens realiseer je je weer dat je helemaal niet gek bent. Het is de situatie die gek is. Jij die normaal doet, tussen allemaal mensen zonder gezicht expressie, die gek doen.
Dat gevoel wat je voelt is een oergevoel.
Een immense kracht in jezelf die moet omarmen en gebruiken om niet te zwichten en ook te veranderen in een angstig en afkeurend rondspeurende zombie. Je lichaam geeft je aan dat je op je hoede moet zijn. Je oerinstinct laat je weten dat er vijandige sfeer om je heen hangt. Dat is wat je lichaam je vertelt.
Dankbaar adem je een keer diep in en uit. Je voelt je krachtig en relaxt. De groepsdruk raakt je niet, al die ogen die je tegenkomt kijk je een keer indringend aan… snel kijken ze weg, en terwijl je je steeds beter voelt voel je ook het medelijden.
De vragen komen weer omhoog. Hoe is dit allemaal mogelijk, en hoe kan het dat zoveel mensen ervoor kiezen om in angst te leven.
Terwijl je afrekent zie je de caissière even haar kapje afdoen om een keer goed te ademen. Echt vrolijk is ze niet. Net als bij iedereen gaat alles oppervlakkig en mat. Je legt je contante geld maar netjes neer, maar tot je verbazing krijg je het wisselgeld netjes in je hand terug. Je kijkt een keer, en ziet een sprankje hoop in de ogen die terugkijken. Ze wil wat zeggen, maar doet het toch maar niet. Het kapje gaat weer voor. Succes zeg je met een veelbetekenende blik.
Je glimlacht en loopt verder de winkel uit, bij de ingang zie je de volgende weer het karretje schrobben. Hoofdschuddend denk je nog een keer… “hoe is mogelijk”…
Lees ook:   Wat narcisme aanricht

Gerelateerde berichten