Suzanne geval op zich? Psychiatrisch patiënt of…

Het leven lacht Suzanne, tweede kind uit een hecht gezin met vier kinderen, toe. Ze is een stoere en gezonde puber met grote plannen. Het is de zomer van 2005 en de dan 17-jarige Suzanne staat op het punt naar Ghana te vertrekken, waar ze met de christelijke hulporganisatie World Servants drie weken vrijwilligerswerk gaat doen. Eerder was ze al op een soortgelijke reis naar Bolivia geweest en dat beviel goed.

Suzanne vindt het belangrijk om vanuit haar geloof iets te doen voor de mensheid. Na haar vmbo-diploma op Driestar College in Gouda kiest ze voor een opleiding tot verpleegkundige. Werken met gehandicapten is haar droom. Wanneer ze terugkomt uit Ghana, wacht een nieuw avontuur. Op Cyprus gaat ze in Nicosia stage lopen in het Apollion Private Hospital.

Eenmaal op Cyprus gaat het slecht met Suzanne. Ze wordt ziek. Het ziekenhuispersoneel denkt dat ze in Ghana een bacteriële infectie heeft opgelopen, want in korte tijd valt Suzanne sterk af. Ze spuugt, heeft last van misselijkheid en hoofdpijn en voelt zich draaierig. Aan haar stage komt ze niet toe.

Na anderhalve maand halen Cor en Greet haar op van Schiphol. De huisarts vermoedt dat Suzanne anorexia heeft en een week later rijdt Greet met Suzanne naar een anorexiakliniek in Zeist, waar ze wordt opgenomen. Na een jaar is ze uitbehandeld en verhuist Suzanne naar een andere kliniek. Cor en Greet hebben de hoop dat Suzanne snel opknapt.

—————————-

Een beetje zenuwachtig stapt Suzanne 1 augustus 2005 op Alitaliavlucht AZ 846 naar Accra. Vanuit de Ghanese hoofdstad rijdt een bus de groep naar Jirapa. Samen met andere jonge mensen bouwt ze hier aan nieuwe klaslokalen van de Power House International School.

Tijdens een van de laatste avonden gaat de groep wat drinken in een café in Jirapa. Op de weg terug raakt Suzanne achterop. De begeleiding heeft het niet in de gaten. Dan slaan vijf bouwvakkers toe: achter een gebouw wordt Suzanne verkracht. Uit schaamte vertelt ze niemand wat haar is overkomen.

https://www.ad.nl/binnenland/deel-van-personeel-altrecht-had-genoeg-van-suzanne~a79b0a4d/

Suzanne pleegde later zelfmoord…

In het artikel schrijft men dat ze genoeg hadden van Suzanne? Lijkt me niet dat je zoiets zegt over een mens, die in behandeling is bij jouw instelling! Ongehoord.
Een instelling voor psychiatrische patiënten, waar een ooit gezonde meid terecht kwam.
Om er nooit meer uit te komen, ja, helaas, door zelfdoding.
Ze is dus verkracht door vijf werkmannen in Ghana… oké, dat zal een enorme impact hebben gehad, maar hoe kan zij zo intens doordraaien daarna?

Vermoedelijk zijn de bijwerkingen van medicatie, die men haar gaf, erger dan de kwaal zelf?

Ik zocht het even op en als je de bijwerkingen ziet, is dat al erg genoeg! Zelfs van vrij gewone medicatie!

https://hulpgids.nl/informatie/medicijnen/psychiatrische-bijwerkingen-medicijnen

Protonpompremmers

Rusteloosheid, verwardheid en depressie (0,01-0,1%) en hallucinaties en agressie (< 0,01%).

Bij Lareb zijn diverse meldingen gedaan van psychische bijwerkingen: slaapproblemen, stemmingswisselingen, verward gedrag en agressie.

Depressie en suicidaliteit Antihypertensiva β-blokkers Bij Lareb zijn meldingen gedaan van depressie (28 maal), suïcidale gedachten (2 maal) en suïcidepogingen (4 maal) bij het gebruik van metoprolol (frequentst gebruikte β-blokker: >1 miljoen gebruikers in 2014). Echter in een meta-analyse van ruim 15 onderzoeken (Ko, 2002) en een review uit 2011 (Verbeek, 2011) werd geen relatie gevonden tussen het gebruik van β-blokkers en depressie dan wel suïcidale gedachten.

Calciumantagonisten

Een verband lijkt onwaarschijnlijk vanwege veel tegenstrijdige resultaten van onderzoeken. (Simoons, 2015)

ACE-remmers

Ook bij de ACE-remmers worden tegenstrijdige resultaten gevonden. Bij Ace-remmers zijn wel hallucinaties beschreven als bijwerking.

Methyldopa en clonidine

Depressie treedt bij 1-10 % van de gevallen op bij gebruik van methyldopa, mogelijk door een verlaging van noradrenaline. (Celano, 2011) Depressie wordt als bijwerking vermeld bij clonidine.

Antiarimica

Op grond van huidig wetenschappelijk onderzoek lijkt het niet aannemelijk dat digoxine depressogeen is. (Simoons, 2015)

Cholesterolverlagende middelen (statines)

Ook bij de cholesterolverlagende middelen lijkt een relatie met een depressie niet waarschijnlijk. (Macedo, 2014) Van statines zijn wel nachtmerreis en abnormale dromen beschreven.

Hormonen

Orale anticoceptiva

In de meeste onderzoeken worden geen aanwijzingen gevonden voor een een verband met depressie. (Simoons, 2015)

Corticosteroïden

Kunnen depressieve klachten uitlokken of verergeren, voornamelijk bij een hoge dosering (40 mg prednison per dag of equivalente doseringen van andere corticosteroïden). Naast depressie, worden corticosteroiden ook in verband gebracht met een psychotische stoornis en manische stemmingsstoornis. (Simoons, 2015)

Antibiotica en antivirale middelen

Beschreven zijn een depressieve stemming, depressie en suïcidale gedachten; maar hier geldt dat het lastig valt te onderscheiden wat een bijwerking van het medicijn is en wat een gevolg is van de onderliggende aandoening (hiv!). Psychotische klachten zijn bekende bijwerkingen van antivirale middelen. (¿¿¿)

Antimalaria

Vooral van mefloquine is de bijwerking op de stemming goed onderzocht en aangetoond dat er meer depressieve symptomen mee optreden.

H2-receptor antagonisten (maagzuurremmers)

Er zijn slechts enkele onderzoeken bij deze middelen en de uitkomsten zijn tegenstrijdig,

Anti-epileptica

De FDA heeft in 2008 bekend gemaakt dat anti-epileptica suïcidale gedachten en suïcidaal gedrag kunnen veroorzaken. Verschillende anti-epileptica, waaronder topiramaat, zijn in verband gebracht met een depressieve bijwerking,

Psychofarmaca

Antidepressiva

Het risico op suïcidaliteit kinderen en jong volwassenen onder de 25 jaar lijkt statistisch significant verhoogd te zijn. De FDA kwam tot deze conclusie nadat zij de gegevens van 372 door de industrie aangeleverde gerandomiseerde dubbelblinde onderzoeken (bijna 100.000 patienten) had geanalyseerd. Bij jongeren komt suicidaliteit vaker voor bij de start van het onderzoek en wordt geen significant effect gevonden op de suicidaliteit, terwijl de depressieve symptomen afnemen.

Psychostimulantia

Atomoxetine en methylfenidaat lijken de kans op suicidaliteit bij kinderen te verhogen.

Benzodiazepinen

Benzodiazepinen kunnen paradoxale reacties veroorzaken als bijwerking of als onttrekkingsverschijnsel, bijvoorbeeld depressieve klachten en suïcidale gedachten

 

Overige middelen

 

5-α-reductaseremmers (finasteride en dutasteride)

depressieve stemming en depressie. Op basis van dierexperimenteel onderzoek wordt verondersteld dat 5-α-reductaseremmers de stemming en het gedrag kunnen beïnvloeden doordat ze de omzetting van progesteron naar allopregnanolon, dat een effect heeft op gamma-amino-boterzuur (GABA).
NSAID’s, amandantine, flunarizine allen geasscocieerd met depressieve klachtren als bijwerking.

 

Lees ook dit artikel aub!

https://www.trouw.nl/samenleving/-psycho-pillen-doen-meer-kwaad-dan-goed-~af26af37/

Meer dan een miljoen Nederlanders slikken pillen tegen depressies, psychoses, angsten en hyperactiviteit. Bijna allemaal hadden ze dat beter kunnen laten, vindt epidemioloog Dick Bijl.

“Gøtzsche stelt vast dat de psychiatrie in een diepe crisis is beland. En dat is niet zomaar een bewering. Gøtzsche is een gerenommeerd en nauwgezet onderzoeker. En zijn conclusie is ook op Nederland van toepassing. We zijn inmiddels zo ver dat enkele miljoenen Nederlanders psychofarmaca gebruiken waarvan de werkzaamheid niet met gedegen onderzoek is aangetoond. Medicijnen die niet werken, maar die wel ernstige bijwerkingen hebben. Als je dan ook nog in ogenschouw neemt dat veel van die middelen verslavend zijn, dat mensen er niet meer van afkomen zonder ernstige ontwenningsverschijnselen, dan mag je concluderen dat veertig jaar opmars van de biologische psychiatrie de verwachtingen niet heeft kunnen waarmaken. Ze is uitgelopen op een deceptie, op een crisis.”

“Zo’n dertien jaar geleden werd duidelijk dat antidepressiva niet werken bij kinderen en adolescenten, maar dat ze wel oorzaak waren van zelfmoordneigingen. Als je naar de gepubliceerde studies over die middelen keek, was dat risico niet zichtbaar. Maar haalde je er de niet-gepubliceerde studies bij, dan kwam het suïcide-risico wél aan het licht.

“Integendeel, psychofarmaca worden op grote schaal voorgeschreven, niet alleen door psychiaters maar ook door huisartsen. In Nederland gebruiken meer dan een miljoen mensen antidepressiva. Dat zijn echt niet allemaal mensen met een ernstige depressie, maar vaak mensen die zich niet lekker voelen. Het oorspronkelijke ziektebeeld van een depressie was iemand die zwaar gebukt ging onder het leven, die in de loop van de ochtend met grote moeite uit zijn bed kwam, zich nergens toe kon zetten, en zich pas in de loop van de dag iets voelde opknappen. Die kom je in strips nog wel tegen.

“Maar nu is het zo dat iemand al wordt aangemerkt als depressief als hij twee weken last heeft van somberte of stemmingswisselingen, en minder is gaan eten of juist meer, en nog wat van die vrijwel alledaagse verschijnselen. Dat predicaat krijgt hij ook als die somberheid gevolg is van een ingrijpende levensgebeurtenis zoals het overlijden van een dierbare.

“In de diagnostiek worden de categorieën voortdurend opgerekt. Dat kan makkelijk gebeuren, omdat je nu eenmaal aan het labelen bent, maar het gebeurt vooral onder druk van de farmaceuten, die daarmee hun afzetmarkt vergroten. Er komen ook steeds nieuwe categorieën bij. Disease mongering, heet dat in het Engels: het bedenken van aandoeningen. Dan heeft iemand die moeite heeft met het werken in ploegendienst ineens een nightshift disorder.

“Zelfmoorden en moorden als gevolg van het slikken van antidepressiva hebben zich vooral voorgedaan bij mensen die niet de klachten hadden waarvoor die medicijnen waren bedoeld. Die mensen waren niet depressief, maar zaten gewoon niet lekker in hun vel.

Bij die patiënten hadden antidepressiva gewoon niet voorgeschreven mogen worden?

“Dat was vaak niet nodig geweest. Zelfs een echte depressie heeft, met uitzondering van de zware vormen, in de regel geen ernstig beloop. Een derde van de patiënten is na drie maanden spontaan genezen. Als een patiënt van zijn huisarts of psychiater een antidepressivum krijgt voorgeschreven, moet hij dat zes maanden slikken. In die tijd knapt hij op, vanzelf al, maar hij schrijft dat effect toe aan het geneesmiddel. Volkomen ten onrechte. Maar stoppen met slikken lukt hem dan niet meer.”

“Dat mensen een slaapmiddel of een angstremmer krijgen, doorgaans benzodiazepines, is op zich prima, want ze worden er rustiger van. Maar volgens de richtlijnen zou je die middelen maar voor enkele weken mogen voorschrijven. Ze worden nu geslikt door meer dan een half miljoen Nederlanders. Niet omdat die baat hebben bij die medicijnen, maar omdat ze niet met slikken kunnen stoppen. Ze komen er niet meer van af; als ze ineens stoppen, is de kans groot dat ze ernstige ontwenningsverschijnselen krijgen. Die zijn dezelfde als de klachten waarmee de patiënt ooit naar de dokter ging. Om van psychofarmaca af te komen moet de patiënt in overleg met zijn arts een schema maken om het gebruik geleidelijk te staken. Dat neemt vaak een behoorlijke tijd in beslag.

“We zien in Nederland een opmars van het gebruik van middelen tegen ADHD. Een groot deel daarvan wordt op ondeugdelijke gronden voorgeschreven. Zo is methylfenidaat, een amfetamine, wel toegelaten tot de Nederlandse markt, maar niet voor volwassenen met een ADHD-label. Die beperking heeft de registratieautoriteit afgekondigd, omdat bij volwassenen de bijwerkingen ernstiger zijn dan de werking. Er is meer schade dan baat. Toch wordt methylfenidaat nog op grote schaal voorgeschreven voor volwassenen met ADHD.

“Kinderen en adolescenten zouden volgens de officiële richtlijnen pas voor een medicijn tegen ADHD in aanmerking komen ná orthopedagogische behandeling. Die richtlijn wordt zelden gevolgd. Sterker: in de eigen behandelrichtlijnen van de psychiatrie is het voorschrijven van medicijnen de eerste keus.” (let op kleur en smaakstoffen en zoetstoffen…!!!)

“Nee. Dit zal veranderen, ooit. Door het werk van onderzoekers als Gøtzsche en veel andere kritische wetenschappers. Er zullen meer bewijzen komen dat de psychofarmaca niet doen wat ze volgens de fabrikanten zouden moeten doen. En de mensen die de negatieve gevolgen van die middelen ervaren roeren zich. Mensen die zelf vreselijke dingen hebben meegemaakt, of een dierbare zelfmoord hebben zien plegen na het slikken van antidepressiva worden nu soms uitgenodigd op wetenschappelijke congressen om daar ten overstaan van psychiaters en andere zorgverleners hun verhaal te doen. Ze worden meer en meer gehoord.”

 

Gerelateerde Berichten