...

19 juni 2021

 

Egypte-Wegen van het Hart

Wegen van het Hart door de Tweeënveertig Bijzitters der Doden.

Egypte
Wanneer de reiziger het einde van zijn reis bereikt, bevindt hij zich op de oever van een rivier, en vóór zich ziet hij een boot, die de Boot des Tijds is waarop hij scheep moet gaan. Maar alvorens de dekken hem toestaan dat zijn voeten hen betreden, moet hij ze bij name noemen; en hij moet de riemen noemen, of ze zullen hem niet roeien, en hij moet de boeg noemen, of deze zal de boot niet over de rivier brengen. Hij reist in de boot over het donkere water, tot de rivier verdwijnt in de Grote Spelonken. Hier wordt hij belaagd door demonen, die hem aanvallen in hun verschrikkelijke gedaanten, maar indien hij onbevreesd is, nemen zij de wijk in de schaduwen. Dan gaat hij van boord bij een kade, waar zeven treden naar een grote deur leiden. Hij moet de grendels bij hun naam noemen, ook de hengsels bij hun namen en hij moet zelfs de geheimen kennen van de planken, waaruit zij zijn samengesteld. Op het horen van hun namen gaat de deur voor hem open en hij betreedt een grote gehoorzaal, waar, gezeten op hun tronen, de Tweeënveertig Bijzitters der Doden zijn. Zij verheffen zich boven hem in de schaduwen en hun gezicht is voor hem onzichtbaar, want hij bevindt zich in een dal tussen geweldig grote Goden.

Elk op zijn beurt zal hem aanroepen; en indien hij hen niet naar waarheid kan antwoorden en zeggen: “Bij de Veder der Waarheid, u heb ik overwonnen”, zal de bodem onder zijn voeten zich openen en hij zal in de duisternis moeten blijven tot hij uit de schoot zijner moeder komt.

En naarmate hij overwint, zullen de deugden hem binnengaan en evenzo zal het kwade de kracht om het te overwinnen in zijn hart doen binnengaan.

Langs de vier zijden van de zaal zitten de Bijzitters op hun tronen.

Egyptian energy healing & spirituality - ancient Egyptian wisdom - Energy Centres Chart similarities

En de eerste zal hem aanroepen en zeggen:

Hebt gij uw lichaam met wijsheid en met zorg behandeld, zoals uw schepper u koesterde in de dagen van uw jeugd?

En de tweede zal zeggen:

Hebt gij de volle spanne tijds ten einde geleefd, die de Goden u toebedeelden?

En de derde zal zeggen:

Hebt gij uw lichaam bewaard als een rein kledingstuk, niet bezoe­deld door de Rivier van Vuil?

En de vierde zal zeggen:

Hebt gij alleen naast de vrouw gelegen, die ook uw geest lief heeft?

En de vijfde zal zeggen:

Zijt gij vrij van de kennis van het lichaam van uwe moeder of uwe dochter of uwe zuster of uwe tante?

En de zesde zal zeggen:

Is geen man voor u als een vrouw geweest?

En de zevende zal zeggen:

Bestaat er enig dier, dat u echtgenoot kan noemen?

En de achtste zal zeggen:

Hebben uwe handen genomen hetgeen u niet behoorde?

En de negende zal zeggen:

Hebt gij gegeten van voedsel tot uw buik er pijn van deed en ver­wijten tot u richtte, of sterke drank gedronken tot uw wil de slaaf was van uw lichaam?

En de tiende zal zeggen:

Hebt gij eens anders zilveren koord in drift doorgesneden?

En de elfde zal zeggen:

Was uw toom gerechtvaardigd en de gesel in uwe hand de Gesel

van Pharao?

En de twaalfde zal zeggen:

Hebt gij de rijken en de bedrevenen aangezien zonder afgunst?

En de dertiende zal zeggen:

Is uw hart niet verscheurd geworden door de klauwen der ijverzucht?

En de veertiende zal zeggen:

Hebt gij geen kwaad gesproken behalve van het kwaad zelf?

En de vijftiende zal zeggen:

Hebt gij de ploeg niet ongebruikt in de vore laten staan wanneer het zaad daar was voor de zaaiing?

En de zestiende zal zeggen:

Hebt gij begeerte gehad naar de kennis van die dingen, welke niet voor uwe ogen of oren waren?

En de zeventiende zal zeggen:

Hebt gij uwe schaduw reusachtig op de wand gezien en u zelve groot gedacht?

En de achttiende zal zeggen:

Zijt gij afgeweken van het rechte pad toen daar gevaar dreigde?

En de negentiende zal zeggen:

Hebt gij u met kluisters van goud aan de Aarde geketend?

En de twintigste zal zeggen:

Hebt gij naar de dingen der Aarde gekeken tot uwe ogen verblind waren?

Lees ook:   Echte schatten

En de eenentwintigste zal zeggen:

Zijt gij eerlijk geweest in al uwe handelingen op de markt?

En de tweeëntwintigste zal zeggen:

Hebt gij u dankbaar betoond jegens allen, die u vriendelijk beje­genden op uwe reis, of het uw metgezel is geweest, of de granaat­appel die u laafde toen gij dorstig waart?

En de drieëntwintigste zal zeggen:

Hebt gij de armen brood gegeven en de vruchten van uw wijngaard aan de vermoeiden?

En de vierentwintigste zal zeggen:

Principle of Correspondence: As ABOVE, so BELOW!  Orions Belt Aligns with the Pyramids at Giza!

Hebt gij uw mond tegen valsheid gesloten gehouden?

En de vijfentwintigste zal zeggen:

Zijt gij zo trots op uwe schranderheid geweest dat uwe wijsheid er­ door werd bewolkt?

En de zesentwintigste zal zeggen:

Is uw vriendschap een sterke rots geweest in de woestijn van stuif­zand?

En de zevenentwintigste zal zeggen:

Hebt gij u aan niemand geketend met de ketenen van de haat?

En de achtentwintigste zal zeggen:

Hebt gij geen toverij gekend noch uzelven bevlekt en heeft uw lichaam alleen tot woonplaats aan uzelf gestrekt?

En de negenentwintigste zal zeggen:

Hebt gij tevredenheid gebracht in het hart uwer moeder en hebt gij uws vaders huis tot eer gestrekt?

En de dertigste zal zeggen:

Hebt gij alleen ware priesters geëerd?

En de eenendertigste zal zeggen:

Related image

Hebt gij op uwe reis de Goden niet vergeten en hun om raad ge­vraagd?

En de tweeëndertigste zal zeggen:

Hebt gij uwe oren gesloten voor wijsheid, die met luider stemme spreekt?

En de drieëndertigste zal zeggen:

Hebt gij met uwe wijsheid de dorst gelest van hen, die hunkerden naar wijsheid?

En de vierendertigste zal zeggen:

Hebt gij uwe kracht alleen in dienst van het Licht gesteld?

En de vijfendertigste zal zeggen:

Zijt gij een zwaard geweest in het Leger van Horus?

En de zesendertigste zal zeggen:

Hebt gij enig mens gebracht op het pad, dat niet naar vrijheid voert?

En de zevenendertigste zal zeggen:

Houdt gij in uw hart een beeld van uzelf in ere?

En de achtendertigste zal zeggen:

Hebt gij uw eigen hart gekend en zijt gij een waar schrijver geweest van uwe eigen werken?

En de negenendertigste zal zeggen:

Weet gij dat het einde van de ene reis slechts het begin is van een andere?

En de veertigste zal zeggen:

Озирис и Изида / Alla Yashina. Oziris and Izida

Hebt gij de planten bedacht, die eenmaal uwe broeders waren, en hun dorst gelest en hen zo verzorgd dat zij bloeiden?

En de eenenveertigste zal zeggen:

Zijt gij voor alle dieren zo geweest als uw meester is voor u, en hebt gij wijsheid, welwillendheid en mededogen gekend jegens hen, die eens uwe broeders waren?

En de tweeënveertigste zal zeggen:

Kunt gij naar waarheid zeggen: “Ik heb nimmer mens noch dier boven zijn kracht laten werken. Ik heb geweten dat allen op Aarde mijn medereizigers zijn en ik heb hen bijgestaan op hun reis?”

Dan zal hij de diepe stemmen niet langer horen en in de stilte zal zijn eigen stem opklinken en zeggen: “U heb ik overwonnen, want er is op Aarde geen mens zondig of bedroefd of lijdend tengevolge van enige handeling van mij.”

Dan zal deze Zaal der Waarheid als de middag zijn, verlicht door de zuivere, heldere vlam van zijn geest; en ook al zouden alle win­den der Aarde hun kracht verenigen tegen deze vlam, toch zou zij in verheven rust voort branden.

Niet langer ziet hij de Goden boven zich uit torenen, want hij is van hun gestalte geworden en hun gelaat is voor hem als keek hij in een ware spiegel en zag daar zijn eigen gelaat, want in uiterlijke gestalte is hij hun broeder.

Osiris:

Dan ziet hij vóór zich de Grote Weegschaal van Tahoeti. Op de ene schaal ligt zijn hart in de vorm van de kruik van zijn maat en op de andere schaal ligt de Veder van Maat, en zij worden volkomen door elkaar in evenwicht gehouden, want op beide schalen ligt de Waarheid.

En de wanden openen zich voor hem als een grote weg en hij gaat in het licht der Hemelse Velden, waar het koren, dat zeven elleboogs­lengten hoog staat, op zijn oogsten wacht.

Bron: Gevleugelde Pharao – Joan Grant – ISBN 90 6030 096 3

Gerelateerde berichten